Berichten

Bal gehakt getest bij de Ballentent

Vandaag hebben we de Ballentent aan de Parkkade met een bezoek vereerd.Het etablissement heette vroeger Maaszicht. Dat café is ontstaan in de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog. Het pand waarin het café is gehuisvest, was eerst een douanedepot. Vlak na de oorlog heeft ook het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen er nog in gezeten.
De ballentent heeft al vele prijzen gewonnen en het verhaal gaat de naam is ontstaan omdat de klanten op z’n Rotterdams zeiden ‘laten we wat gaan drinken in díe ballentent’ – zijn altijd al bezocht door veel mensen die in de haven werkten.
Al jaren hoogt dit etablissement hoge ogen met zijn ballen gehakt, dus onze verwachtingen waren hoog.
Er waren vele manieren om je bal te eten, met sausjes, friet, brood en extra ”drap “.
Wij kozen voor de bal gehakt met brood.

Het zag er keurig uit. Twee eenvoudige witte boterhammen en mooi opgemaakt bordje met wat salade en dressing. De mosterd zat in een apart schaaltje.

Bij het open snijden van de bal zag het er wat rose uit. Even waren we bang dat de beroemde ballen niet gaar waren.
Maar bij het proeven ontwaarde zich een smaakexplosie in onze mond.
Heerlijk, wat een kruiden, ik proefde van alles en een heerlijke bal gehakt.
De vele kruiden leidde niet af van de smaak van de bal, maar versterkte deze.
Wat een heerlijke bal gehakt.

Het brood en de salade waren eenvoudig, maar zag er goed uit.
De bijgeleverde mosterd daarentegen was zeer pittig, echte Frans mosterd. Het benam me zelfs even de adem toen ik wat te grote lik mosterd op mijn brood smeerde en een hap nam.
De prijs is niet al te pittig 4 euro 30. Dat is niet duur.

Maar de bal, daar draait het om.
Beide waren het er snel over eens; een mooie 8.5

De eerste bal gehakt test; ‘t Fust

We waren op weg voor onze eerste Bal gehakt test.
De oorspronkelijke bedoeling was de ballentent op de Parkkade, maar die was afgesloten. Dan naar de Big Ben op het stadhuisplein, stom, die was open vanaf 1971 tom 2011, maar is in November Baja geworden.
Dan naar ’t Fust.

‘Fust

Dit bruine café opende zijn deuren op het Stadhuisplein op 21 maart 1961. Door deze openingsdatum is ‘t Fust het oudste, bruine café op het Stadhuisplein. En is een begrip in Rotterdam. Velen hebben geprobeerd en proberen nog dit café, met zijn gezellige unieke bar, zijn houten vloer en sfeervolle interieur, te imiteren, wat echter nog heden ten dage niet is gelukt!
Ik kan me nog herinneren van vroeger dat er zo’n oude bierketel ( 1933 )stond.
Maar daar ben ik vergeten naar te kijken.

De bal gehakt test

Ondanks de wind namen we plaats op het terras, en bestelde een balletje gehakt.
Dit wil zeggen, een stokbroodje bal gehakt, want dat is de keuze.
Het personeel was vriendelijk en de broodjes werden snel gebracht.
Het zag er goed uit. Leuk stukje sla, dressing, en de saus ( mayonaise of mosterd) in een apart schaaltje.
De bal zelf smaakte niet verkeerd, een heel klein beetje droog. De discussie aan tafel was, is de droogte te wijten aan het feit dat het rundvlees is/was.
Het vlees was warm genoeg om te eten en koud genoeg om door te slikken. Helemaal goed.
Vraag gesteeld aan het personeel, die zou het navragen bij de kok, maar het antwoord is nooit gekomen. We gokken op rundvlees.
Het stokbroodje was heerlijk vers.
Het bijgeleverde garnituur was goed en een heerlijke saus.

Na een heel broodje stokbrood waren we blij met het bijgeleverde garnituur, die haalde net de beetje droge smaak van de bal weg.

Eindconclusie

Iets te droge bal gehakt.
Bijgeleverd garnituur en vooral de saus, heel lekker
De prijs van 4.50 was het waard zeker waard.

Eindcijfer

Peter, dankzij de bijgeleverde saus een 7, ander was het een 6.5 geweest
Roel; heerlijke saus, bal was goed, een 7, met de saus meegerekend was het een 7,5 geweest

‘t Fust

Stokbrood bal gehakt; 7

 

Samen op de Fiets

Vandaag laat ik Opa Bram thuis. Waarom? Omdat ik met mijn vader Aad Schell op de fiets mee mag. Mijn vader werkt vol continue, dus onze tijd is schaars.
De fiets was een basis fiets, geen versnellingen, wel een bel, en een stoeltje aan het stuur.
Samen weg vond ik altijd leuk.
Oh nee, één keer was ik bang. Toen had mijn vader zich voorgenomen samen met mij naar de Kuip te gaan. Hij was een Spartapiet, heeft zelf ooit als jeugdige in het eerste van Sparta gevoetbald, dus ik denk dat het om een wedstrijd ging tussen Feijenoord en Sparta, maar ik durf er mijn hand niet voor in het vuur te steken.
Om een kort verhaal lang te maken: we hebben de tribune nooit bereikt. Waarom niet?
Assie durfde de trappen niet op. Veel te hoog, maar daar kwam ik halverwege pas achter, toen ik niet meer vooruit durfde. Dus tegen de stroom in terug naar beneden. En met het pontje terug naar de Parkkade.

Maar meestal fietsen we door het Havengebied. Het gedeelte tussen de Sint Jobshaven en het Marconiplein.
Langs de horlogemaker en langs Stokvis.
De wind in mijn gezicht en haren, soms mocht ik bellen, en mijn vader trappend tegen de wind in en voluit zingend.
Ja, zingend. Iedereen mocht weten dat we langs waren geweest.
En ik had ook mijn eigen partij in mijn favoriete liedje: “How much is that Doggie in the Window”.. Ik deed vol overtuiging de “woef woef”.

http://www.youtube.com/watch?v=L-U894UkSNI

Ik vond het fantastisch als hij zong. Maar ik was de enige geloof ik. Nu zong hij dus vaak op straat en verhaspelde teksten met ondeugende zinnen als: “Vader liet een frisse dreutel, vader lied een frisse wind, zie hem schuiven in extase…” Ik vond het hilarisch.

Maar goed, tegen de tijd dat wij van Gend en Loos aan de linkerkant voorbij waren, staken we over, oppassen voor de rails en eventuele goederenwagons en reden wij het echte havengebied in.

Mijn vader was ooit kraanmachinist en mijn moeder ‘stekker’- telefoniste bij hetzelfde bedrijf. Zo hebben zij elkaar ook ontmoet. Dit terrein was hem dan ook goed bekend.

Tegen die tijd zette hij weer een ander liedje in. Bijvoorbeeld “Bird Dog”. Ik verstond toen ‘sjannie is een sjoker’, maar ach, ik was maximaal 4 jaar oud.
Laatst vertelde iemand mij dat hij als kind het zo fantastisch vond dat Bad Moon Rising van CCR begon met “Assie a Bad Moon rising”. Herkenbaar dus.

Ik hield van de bewegingen in de havens, kranen die loom draaiden, ook op zondagen, om een schip te laden en te lossen. De loodsen, rails en goederenwagons die zomaar konden oversteken zonder spoorbomen. Zó spannend! En de krijsende meeuwen natuurlijk!
Dat havengebied is niet meer. Er staan flats op en appartementen met penthouses.
De rails is weg, de goederenwagons zijn niet meer.

Mijn vader is ook niet meer, maar nog steeds geniet ik als ik in een havengebied ben. De geuren, het nooit stoppende werk.

En.. nog steeds heb ik hoogtevrees.

Een mooi stukje Rotterdam!

Er is mij gevraagd wat ik nu een mooi stukje Rotterdam vind. Dit is een vraag die normaal gesproken erg moeilijk is te beantwoorden want ieder deel heeft wel weer iets wat het mooi maakt. Lees meer