Berichten

Kerst in Dubio

Op de hoek van de 2e IJzerstraat en de Pieter de Hoochstraat staat een groot imposant wit gebouw: ‘Huize Schoonderloo’. In de 19e eeuw gebouwd als buitenverblijf voor de rijke familie van der Pot van Groeneveld. Genoemd naar het ambacht Schoonderloo, toen gelegen tussen Delfshaven en Rotterdam. In de jaren na de 2e Wereldoorlog was de Keuringsdienst van Waren er gehuisvest.

Maar van 1979 tot 1983 huurde het kunstenaarscollectief KK Dubio het pand van de gemeente Rotterdam.

In die jaren kwam ik er regelmatig. Het werd toen ook vaak als de ‘Raketbasis’ aangeduid. ‘Raket’ was de naam van het blad dat de groep maakte. Een blad ‘zonder baas, zonder onderlinge competitie of afgunst, zonder winstbejag’. Iedereen mocht schrijven wat hij wilde, dat werd zonder enig commentaar of censuur geplaatst. Ultieme vrijheid van meningsuiting. Het papier was natuurlijk gerecycled, in die tijd nog grijs en zacht. Tekst en tekeningen gestencild. De exemplaren die ik bewaard heb, vallen bijna uit elkaar en zijn nog maar moeilijk te lezen.

Maar Huize Schoonderloo was meer. De kelders hadden extra dikke muren, verbouwd tot bunker en schuilkelder voor de 2e Wereldoorlog. Geluidsdicht dus.

Het kunstenaarscollectief maakte niet alleen kunst en een blad, maar ook muziek. Tezamen vormden ze de punkband de Rondo’s, en verbouwden hun eigen geluidsdichte kelder tot oefenruimte. Natuurlijk zaten ze niet de hele week in die kelder, en mochten een aantal andere bands de ruimte gebruiken om er hun muzikale uitingen vorm te geven. Ze trokken een hele rits punk-liefhebbers, die er allemaal kwamen kijken of repeteren, en elkaar ontmoetten na afloop van hun sessie.

2- Huize Schoonderloo RaketMal

 In de gemeenschappelijke huiskamer van Huize Schoonderloo wisselden ze hun ideeën uit over songteksten, gitaarakkoorden (drie, soms wel vier akkoorden!.. ;-), podiumervaringen, inspiraties en aspiraties. Die dan weer terecht konden komen in het blad Raket, dat in diezelfde ruimte samengesteld werd.

Langzaam maar zeker werd die huiskamer een ruimte waar je ook zomaar naartoe ging. Het was er altijd gezellig, bedrijvig en inspirerend. Iedereen was er wel bezig aan iets, of maakte op zijn minst wilde plannen.

De eerste graffiti-uitingen werden er voorbereid, jaren voordat de kleurige HipHop-pieces de stad zouden versieren, werden al spuitbussen gekocht en spoot iedereen de naam van zijn band op elektriciteitshuisjes. Een heel mooie, die nog lang heeft bestaan, was gemaakt door de Rondo’s zelf: getekend met een dikke rode en blauwe viltstift op elkaar geplakt, langs de wand van de voetgangerstunnel onder de Maas, trokken ze op de tegels een lange dubbele streep over de hele lengte van de tunnel. Door de ruimte tussen de rode en blauwe stift leek het een honderdmeterlange Nederlandse vlag: rood, wit, en blauw.

Onvergetelijk werd de kerst van 1980. Er werd een kerstboom neergezet in de gemeenschappelijke ruimte, maar natuurlijk zonder burgerlijke kerstballen. Een van punkjongens kwam binnen met een Mercedes-merk, gesloopt van de voorkant van een dure Mercedes, waar hij als fundamentalistische punk natuurlijk tegen was. Anderen volgden al snel zijn voorbeeld, en binnen een week hing de hele kerstboom vol Mercedes-emblemen. Een letterlijk onbetaalbare kerstversiering!

3- Huize Schoonderloo MercedesLogo

Ik heb er helaas geen foto van gemaakt, en kan er op internet ook geen foto’s van vinden. En vraag me af of iemand toen wel een fototoestel had? Bovendien illegaler dan illegaal natuurlijk, maar daardoor juist extra spannend.

Er moeten een hoop Mercedes-eigenaren bij hun verzekering aangeklopt hebben die maand!

Nu rijst bij mij wel de vraag: wat zou er na die kerst met de versiering gebeurd zijn? Zou er nog ieder jaar ergens in Nederland een boom versierd worden met de oude Mercedes-logo’s?..

We willen foto’s zien!..

MAAS Theater en Dans

Maas
Maas is een podium en een gezelschap van professionele makers die theater en dans maken voor kinderen, jongeren, jong volwassenen, hun familie en vrienden. Dit gretige, brutale en kwetsbare publiek is altijd de bron, bij alle voorstellingen, programma’s, educatie en talentontwikkeling. Maas bundelt de ervaring van theatergroep Max., jeugddansgezelschap Meekers en theatergroep Siberia.

Maaspodium
Bij Maas komen alle schoolgaande kinderen van Rotterdam. Maaspodium is een theatrale uitgaansplek met een dynamische en culturele inhoud. Je kunt er kijken, meedoen en zelf op het podium staan. Maas biedt theater en dans, maar ook muziek, fotografie, video, dance en dj’s. Maas is een plek waar werelden worden verbonden en generaties elkaar ontmoeten. En waar het publiek altijd een onderdeel is van alles wat er gebeurt.

Maas is een ruilbeurs van diensten en ideeën. We verleiden, fantaseren en handelen met alles wat we kunnen. Ouders, kinderen, opa’s en oma’s gaan samen naar voorstellingen, buurtbewoners doen mee met educatie en jong volwassenen krijgen de sleutel om uitdagende programma’s te maken.

Maas theater en dans
Het gezelschap Maas maakt kwaliteitstheater en -dans in alle soorten en maten. Grote zaalvoorstellingen, kleine schoolprojecten voor in de klas, kleine festivalacts en groot locatietheater. En altijd is er vanzelfsprekend contact tussen het publiek en de mensen die op het podium staan. We gebruiken een maximale variatie aan theatrale middelen en vertellen op een lichte, transparante manier.

Bij Maas staan er persoonlijkheden op het podium die zichzelf durven laten zien, die zich bewust zijn van hun lichaam en de rollen die ze spelen. De voorstellingen zijn vaak virtuoos, maar ook altijd persoonlijk en dichtbij. Maas biedt toegankelijke, uitbundige en fysieke verhalen, altijd op een bijzondere manier verteld. Maas is overal te zien: in Rotterdam, de grote en middelgrote steden in Nederland, België en daarbuiten.

Samen
Maas podium en gezelschap zijn samen theater en dans en nog veel meer. Het podium heeft twee mooie theaterzalen en een horecaplek, een feestruimte en een buitenterrein. Het gezelschap biedt voorstellingen maar ook lessen, backstage- en talentprogramma’s. En daarbij is er ruimte voor video, fotografie, muziek, eten, animaties, stand-up comedy, circus, mime, poetry, feesten, mode en architectuur.

Maas is stoer
Stroomt, beweegt, geeft energie

Maas is van nu
Dynamisch en altijd live

Maas is niet sjiek of duur
Maar gewoon bijzonder

Maas is fysiek en beeldend
Echt, dichtbij, uitdagend

En altijd kwaliteit

Website: MAAStd.nl
Facebook: facebook.com/tdmaas / facebook.com/Maaspodium
Twitter: @tdmaas / @maaspodium

Henk de marktkoopman

Mensen in mijn leven waar ik echt de slappe lach van kreeg blijven altijd in mijn geheugen, zo ook Henk mijn oude
buurman.

Henk was regelmatig gast in de huisbarpub van mijn ouderlijk huis in de Thomas a kempisstraat,wat steeds meer weg kreeg van een buurthuis.
Met een aardige slok op zorgde hij meestal voor een nog vrolijker tintje van de feestavond.
Zoals het uitdelen van een klapsigaar aan degene met het mooiste overhemd met als resultaat brandgaten!
Henk was een kei in het oplossen van de verkeerde grappen dus bij deze kreeg het slachtoffer 3 nieuwe overhemden die al 5 jaar onverkocht in zijn kraam hingen!
De grote glazen Heineken laars waar als je probeerde een slok te nemen 2 liter bier over je heen kreeg deed het ook altijd goed!
En niet te vergeten het cognacglas van mn vader dat regelmatig vervangen werd door een nepglas uit de feestwinkel maar sprekend echt met dubbel glas en als je een slok nam er niks uit kwam.
Het hoogtepunt van de avond was meestal wel als de tamboerijn te voorschijn kwam.
Een keiharde schorre markt, rook en drank stem schreeuwde dan:”AAT!”DAVE BERRY!STRANGE EFFECT!!!!!
Ik zette de plaat op en daar kwam Henk!,eerst een hand om de deur,tamboerijn sissend,en dan het prethoofd met de felblauwe hagedissenogen van Henk! de playbackshow kon beginnen!
Na dit nummer zette ik meestal wat rustiger muziek op om Henk wat af te laten koelen want vaak had ie een optreden van een uurtje of twee in gedachten!.

Henk stond op de Rijnhavenmarkt met een kraam die niet echt meer zo liep.
Mijn moeder had een gouden oplossing ze stelde voor zomerjurkjes als parttimer te gaan naaien met een meer moderner stof,en het liep!parttimers volgden.
Het ging zelfs zo goed dat Henk besloot een winkeltje nabij de Maashaven te gaan beginnen in marktkleding in combinatie met tweede hands spullen!
Ik ging een keer langs..De paskamer sloot maar voor de helft..Jahaha het oog wil ook wat als dames een jurkje gaan passen!,twee klanten komen binnen..”meneer dit servies mooi maar 2 kopjes zonder oor” Nou dan naai je er twee een oor aan!hahaha weg klanten,weer een klant “hoeveel kost dit kruis?” hetzelfde als wat erop staat! te veel dan oprotte!dag en weg klanten..schaterend van de lach laat hij mij een kolenkachel zien,Hey Aatje omdat jij mijn grootse vriend ben mag je m nu voor 1 gulden meenemen!maar wel binnen twee minuten want we sluiten die zooi hier en gaan nu saampies naar de kroeg hiernaast!!!O Wacht ff Aat! ik heb nog wat lp s in de uitverkoop zoek snel uit! Henk het zijn alleen maar hoezen zonder lp ! Oh? vandaar dat ik ze niet verkoop! schiet op ik ga de zaak dichtgooie!!!,mn buurvrouw Nel kwam ook nog de kroeg in maar niet al te vrolijk..

Het ging slechter met Henk zijn zaken,hij moest zelfs bijklussen in de nachtdienst ,zelfs een schilderij een erfstuk uit de familie genaamd de “Rijsteter”moest hij noodgedwongen verkopen.
Die kan jij zo namaken Aatje! Tuurlijk Henk alleen dan doe ik wel bamie ipv rijst scheelt me wel wat werk!
Henk zijn gezondheid ging achteruit.
Ik heb hem nog wel een leuke grap bezorgd door een oude dia van het barretje waar hij opstond heel groot op de zijkant van het flat waar hij op uitkeek te projecteren.
Toen ik hem belde het eerste wat hij zei: “Goeie reclame dit zeg!!!!”.

De Kuip, sentiment of ratio (slot)

Beste Feyenoord-vrienden,

De jaren tachtig verliepen, met uitzondering van de periode 1982-1984, dramatisch voor Feyenoord, hetgeen zijn weerslag had op het Kuipbezoek. Het eens zo trotse voetbalbolwerk was bij thuiswedstrijden verworden tot een akelig lege, kille, desolate bak . Het geduld en incasseringsvermogen van de  immer hondstrouw geachte supportersscharen die als enige in Nederland met de eervolle bijnaam ‘Het Legioen’ worden aangeduid, waren nu uitgeput en verdampt. In de vette eerste helft van de zeventiger jaren werd nog geroepen dat indien Coen Moulijn samen met Ernst Happel een kaartje zou leggen op de middenstip dat al voldoende zou zijn om 40.000 toeschouwers naar De Kuip te lokken.  Maar het eerst zo door en door verwende publiek kon het op het laatst toch niet meer opbrengen. Het substantieel inboeten aan kwaliteit en klasse op het veld en het daarmee samenhangende  stelselmatige afbrokkelen van de prestatiecurve waren fnuikend gebleken voor het Kuipbezoek. De dominantie van Ajax, ook nadat wereldsterren  als Cruijff, Keizer, Neeskens, Suurbier en Krol waren verdwenen, nam geleidelijk toe. Daarnaast was er de tomeloze opkomst van PSV, dat met behulp van de grote elektronische suikeroom vanaf het seizoen 1985-1986 voor lange tijd de hegemonie greep in de vaderlandse competitie en naast vier achtereenvolgende landstitels in 1988 zelfs de treble (kampioen, beker en Europacup I) won.

Alleen de seizoenen 1982-1983 en 1983-1984 waren voor de Feyenoord-supporters nog een revelatie, welke appelleerden aan vervlogen triomfantelijke tijden. In 1983 werd Feyenoord met zijn gevreesde luchtmacht (Ruud Gullit, Peter Houtman en de Bulgaarse Andrej Jeliazkov) net geen kampioen en kopte het AD: ‘Ajax kampioen van de regelmaat, Feyenoord kampioen van de topwedstrijden’. Zo werd PSV  in Eindhoven met 1-3 verslagen (ter vergelijking: Ajax verloor dat seizoen met 4-0 in de Lichtstad), werd tegen Ajax twee maal een gelijk spel geboekt (2-2 thuis en 3-3 uit) en werd AZ, destijds nog gesponsord door de gebroeders Molenaar, twee maal verslagen. Toen na dat succesvolle maar toch ‘net niet’ seizoen ook nog een jegens zijn oude club rancuneuze Johan Cruijff aan de – landelijk gezien –  reeds kwaliteitsrijke selectie kon worden  toegevoegd en waarvan ook verloren zoon Michiel van de Korput weer deel  ging uitmaken, was dat net voldoende om in 1984 een glorieuze ‘dubbel’ (titel + beker) in de wacht te slepen. Johan Cruijff, inmiddels 37 jaar oud, weigerde er vervolgens nog een seizoen aan vast te plakken, tot grote teleurstelling van trainer Thijs Libregts. Nu ging het snel bergafwaarts met de club. Ik herinner mij uit die tijd, die zeker tot 1990 duurde, de verhalen over supporters die na weer een verloren wedstrijd uit frustratie hun seizoenkaart (toen nog geen plastic pasje) verscheurden. De toeschouwersaantallen slonken tot minder dan 10.000 in thuiswedstrijden en Feyenoord speelde nog slechts een figurantenrol in de vaderlandse competitie.

Het tij keerde nadat Jorien van den Herik de macht greep binnen de Feyenoord-top, naar eigen zeggen om zijn in Feyenoord gestoken geld zelf te kunnen blijven bewaken. Als cruciaal keerpunt wordt wel beschouwd de bekerzege van Feyenoord op PSV in Eindhoven op 11 april 1991. John de Wolf, kort daarvoor (op 3 maart) nog verketterd na de kansloze 6-0 zeperd in datzelfde Philips-stadion, speelde nu een glansrol. Romario, bij de 6-0 nog goed voor vier goals, werd door de robuuste verdediger ditmaal helemaal uitgeschakeld. Zijn maatje in het centrum van de verdediging, Henk Fraeser, scoorde het enige en beslissende doelpunt in die gedenkwaardige en historische wedstrijd.  Feyenoord bloeide weer op, in vijf seizoenen werden 4 bekers,  1 landstitel en 1 supercup gewonnen. Het elftal straalde behalve degelijkheid vooral strijdlust uit welke bij veel supporters anno 2013 nog steeds tot de verbeelding spreekt en de selectie met Regi Blinker, Gaston Taument en Robbie Witsche zong zelfs datFeyenoord van muis weer olifant was geworden. De Kuip begon weer vol te stromen, de crisisjaren tachtig waren behalve voor  de vaderlandse en wereldeconomie nu ook voor Feyenoord eindelijk voorbij.

In 1994 volgde een ingrijpende renovatie van De Kuip, die in totaal meer dan 100 miljoen gulden zou kosten. Er kwam een dak, maar helaas wat aan de korte kant, zodat nog steeds veel  supporters de regen moesten trotseren, hetgeen nog werd verergerd door lekkage die bij hoospartijen heuse watervallen te weeg bracht. De renovatie was eigenlijk niet veel meer dan een tafel die over de bestaande Kuip werd geschoven, al werd ook de grasmat vernieuwd en uit veiligheidsoverwegingen een gracht rond het veld gegraven. Verder werd in het fonkelnieuwe Maasgebouw ook een home of history gerealiseerd aan de hand waarvan jong en oud zich kon vergapen aan het glorierijke verleden van de nationale volksclub bij uitstek. En op de tribunes verdwenen alle staanplaatsen en verschenen er nieuwe blauwe en rode kunststof  Kuipstoeltjes.

Maar bijna twintig jaar later raakt de Heilige Kuip nu toch steeds meer gedateerd. Popgroepen willen er geen concerten meer geven en verkiezen de overdekte accommodaties als de Arena en het Gelredome. Een groot stadion zoals De Kuip valt nauwelijks te exploiteren als de inkomsten uitsluitend  door het voetbal moeten worden gegenereerd, laat staan als dat bijna alleen nog door de thuiswedstrijden van Feyenoord moet gebeuren. De (K)NVB haakt steeds meer af waar het wedstrijden van Oranje betreft en Europacupwedstrijden zijn anno 2013 een zeldzaamheid geworden. De kans dat ook de bekerfinale op termijn uit de Kuip zal verdwijnen is levensgroot. Ook de UEFA zal De verouderde Kuip niet snel meer aanwijzen voor een finale. De plannen voor nieuwbouw hebben geleid tot heftige en zelfs grimmige discussies tussen voor- en tegenstanders, waarbij alternatieve plannen tot een tweede renovatie inclusief  uitbreiding worden aangevoerd.

Als oude supporter, die vanaf zijn prille jeugd emotioneel onverbrekelijk met Feyenoord en met De Kuip is versmolten, ben ik persoonlijk van mening dat nieuwbouw hoe dan ook de voorkeur verdient. Of het er van komt ondanks de het Rotterdamse college van burgemeester en wethouders al een garantiebesluit heeft genomen (dat overigens nog naar de gemeenteraadmoet) is nog steeds moeilijk te zeggen. Maar ik hoop vurig van wel. Het oude stadion voldoet gewoon niet meer  aan de moderne eisen voor een multifunctionele accommodatie die dus uit oogpunt van exploitatie ook voor andere doeleinden gebruikt moet kunnen worden. De vorige ingrijpende renovatie heeft geleerd dat ondanks alle aanpassingen veel bij het oude blijft, zoals de oude betonnen bak, de betrekkelijk krappe zitplaatsen, zeker in vergelijking met de Arena en het Philips- stadion, waar de zitplaatsen veel royaler en dus gerieflijker zijn en het ontbreken van ruimte voor eigentijdse megaschermen, waarop bijvoorbeeld wedstrijdmomenten kunnen worden herhaald. Gevoelsmatig, los van alle al dan niet aanvechtbare voorcalculaties, ben ik ervan overtuigd dat de volksclub Feyenoord, die structureel terug wil naar de absolute top van Nederland en die af wil van de decennia lange ‘net niet-status’, alleen gebaat is met een fonkelnieuw stadion, waarmee een mooie toekomst voor Feyenoord weer jarenlang geborgd is.

Bij mij wint dus de ratio het in dit geval van het sentiment. De oude Kuip zit ook bij mij heel diep, maar terugblikkend op het roemruchte verleden kan ik niet anders concluderen dan dat Feyenoord al veel te lang aan het sukkelen is en dat de renovatie van 1994 niet heeft gezorgd voor een blijvende terugkeer van ons dierbare Feyenoord aan de top. Wat wel heel wezenlijk zal zijn is de locatie. Die moet vooral goed blijven aansluiten bij de infrastructuur, ook die van het openbare vervoer, in het bijzonder het hoogwaardige railvervoer. Als dat wordt gerealiseerd en dat in samenhang met een weloverwogen, opnieuw  ontwikkelde omgeving, dan zijn de randvoorwaarden voor een mooie toekomst van onze club weer voor lange tijd gewaarborgd. Ik hoop zelf die nieuwe toekomst nog een poosje te mogen meemaken, nu de jaren voor mij gaan tellen. Ik heb dankzij een bypass-operatie in 2003 al extra levenstijd gekregen en op 12 augustus aanstaande hoop ik 66 jaar te worden.  Afgelopen vrijdag beleefde ik bij toeval een deel van de indrukwekkende uitvaart aan de Langenhorst van supporter Rooie Marck, toen ik vanuit Zuid-Oost-Brabant op weg was naar mijn hoogbejaarde moeder aan de Schoonegge om haar 94ste verjaardag te vieren. Zo werd ik op heel bijzondere wijze weer bepaald bij de vergankelijkheid van het leven. Voor ons allen wacht ooit het bordje ‘einde’ en niemand weet waar dat precies wordt geplaatst. Voor Feyenoord ligt dat anders, de club is in beginsel ‘eeuwig’, de individuele supporter echter tijdelijk. Daarom is het rationele belang van de club toch net iets groter dan het sentiment van de individuele supporter, hoe waarachtig en oprecht die gevoelens jegens de club ook mogen zijn en hoezeer die de club ontegenzeglijk groot hebben helpen maken.

Ik wens dan ook alle autoriteiten die er in dit verband toe doen, zowel de publiek- als privaatrechtelijke, veel wijsheid toe bij de uiteindelijk te nemen en dan onomkeerbare besluitvorming omtrent de toekomst van ons aller zeer dierbare Feyenoord. Diezelfde wijsheid zal ook in het Legioen rijkelijk aanwezig dienen te zijn ter voorkoming dat de uiteindelijke keuze tussen nieuwbouw en renovatie niet blijvend als een splijtzwam zal werken, zowel onderling in de supportersscharen als wel tussen (delen van) Het Legioen en het clubbestuur.

ForLife en ForEver

Rood-wit-zwart

Feyenoord-hart.

Rotterdammer

Ik ben er niet geboren
En ook zeker niet getogen

Toch heb ik er mijn hart verloren
En krijg ik tranen in mijn ogen

Als ik denk aan die mooie stad aan de Maas
Met die fantastische club op Zuid

Want ook al is het misschien wat dwaas
Het “Rotterdammer-zijn” zit diep onder mijn huid

 

Het doek is gevallen

Beste Feyenoord-vrienden,

Niet dat ik zelf ook nog maar enige illusie koesterde, maar vanaf vandaag weten wij het weer zeker . Voor de veertiende keer geen landskampioen sinds Don Leo ons de laatste schaal bezorgde en op de Goalsingel Het Legioen beloofde er het jaar daaropvolgend weer voor te gaan. De beste man bedoelde het ongetwijfeld goed, maar maakte het seizoen 1999-2000 niet eens af. Na bittere thuisnederlagen tegen Sparta en FC Utrecht gaf hij de pijp aan Maarten of wierp de handdoek. Misschien wel allebei. In ieder geval stapte de grijze eminentie op. Henk van Stee zou voor even interimmen en wist de play-offs voor de Champions League te bereiken. Het was niet besteed aan zijn opvolger Bert van Marwijk, die in totaal en over twee periodes verdeeld vijf seizoenen aan het roer zou staan bij Feyenoord, maar nimmer een landstitel wist te veroveren. De reputatie van Bert is gered door die ene hoofdprijs van 8 mei 2002 en omdat Robben tijdens de WK-finale in 2010 alleen voor Iker Casillas faalde teert Bert nolens volens nog steeds op die geweldige triomf van elf jaar geleden. Na Berts eerste en tweede periode is een lange rij van trainers de uitdaging aangegaan om Feyenoord weer naar de absolute top van de Eredivisie te loodsen, doch alle pogingen waren vergeefs. De kwaliteit waarover Bert van Marwijk nog wel mocht beschikken ontbrak ten ene male.

In mijn prille jeugdjaren telde de stad Rotterdam twee topploegen, Sparta en Feyenoord. Sparta komt de eer toe als eerste Rotterdamse club in het betaalde voetbal een landstitel te hebben veroverd. Dat gebeurde in 1959 na een 0-4 zege op het Amsterdamse DWS in het Olympisch Stadion. De derby was zowel op het Kasteel als in De kuip steevast uitverkocht. En op een of andere manier wist Sparta heel vaak in De Kuip te winnen, meerdere keren verloor Feyenoord met 0-3. En de oudere Rotterdammers onder ons zullen zich de 0-1 zege van Sparta in Schotland op Glasgow Rangers nog wel kunnen herinneren. Omdat eerder thuis werd verloren (2-3) was een derde (beslissings)wedstrijd nodig. Vreemd genoeg vond die in Londen plaats, niet echt een neutraal terrein.  Doet me denken aan die kampioenswedstrijd tussen Ajax en Feyenoord in 1960 in het Olympisch Stadion. Sparta verloor daar op Highbury uiteindelijk weer met 3-2 na een 0-1 voorsprong. Tinus Bosselaar scoorde nog uit een strafschop de aansluittreffer en de wedstrijd was via een rechtstreeks verslag via de radio te volgen. Sparta was toen naast enkele concurrenten toonaangevend in Nederland maar toch gleed de trots van Spangen  geleidelijk aan weg uit de vaderlandse top, waar Feyenoord zich juist steeds nadrukkelijker ging nestelen. De doelstellingen van Sparta werden ook steeds bescheidener. Eerst was het de bedoeling op de ranglijst zo dicht mogelijk in de buurt van de grote rivaal van Zuid te blijven.  Toen dat niet meer lukte ging het om behoud van de status van Eredivisionist. Uiteindelijk lukte ook dat niet meer.

Als men tegen een echte Sparta-Piet uit de Bloklandstraat of de Grote Visserijstraat in 1959 gezegd zou hebben dat Sparta nooit meer landskampioen zou worden, zou zo iemand voor gek zijn verklaard.  En wie in 1999 op de Goalssingel geroepen zou hebben dat Feyenoord in 2013 nog steeds niet zijn vijftiende landstitel aan de clubpalmares zou kunnen toevoegen zou evenzeer naar het spreekwoordelijke Deltaziekenhuis (voordien Maasoord en tegenwoordig Delta Psychiatrisch Centrum geheten)bij Poortugaal  zijn afgevoerd.

Net als de Spangense Sparta-Piet heeft de Feyenoord ForEver-supporter langzaam aan zijn acceptatiegrenzen verlegd. Toen Feyenoord in 1968 tweede werd en Ajax dus voor de derde achtereenvolgende maal landskampioen (er is niets nieuws onder de zon) werd baalden alle Feyenoorders als een stier.

In het begin van dat seizoen was Feyenoord voortvarend begonnen, versloeg ook Ajax door een doelpunt van Ruud Geels (1-0), won van ADO uit met 3-6 (Kindvall scoorde vier maal) en veegde DOS (samen met Elinkwijk en Velox de erflaters van FC Utrecht ) met   5-0 van de mat, waarbij Coentje Moulijn de laatste voor zijn rekening nam met de buitenkant schoen..

Feyenoord liep uit op het Ajax van Cruijff en Keizer met vijf punten (een overwinning leverde  toen nog 2 punten op. )Er werd een sticker uitgegeven met de wishful thinking tekst NIETS MEER AAN TE DOEN, FEYENOORD KAMPIOEN.

Toch eindigde Feyenoord na een pijnlijke terugval later dat seizoen met drie punten achterstand op Ajax. Vorig seizoen gebeurde ongeveer hetzelfde, we werden tweede en nu baalde er niemand maar werd er een pseudokampioensfeestje gevierd.

De acceptatiegrenzen zijn verlegd. Na de euforie van vorig seizoen hebben wij elkaar lange tijd wijs gemaakt dat het huidige seizoen zo fantastisch is verlopen, ondanks de kansloze uitnederlagen tegen PSV, Twente en Ajax, alle drie met 3-0. De eigen jeugd wordt bewierookt, maar is dat wel helemaal terecht? Wie  vandaag zo’n Boetius, De Vrij, Clasie, Martins Indi  en Vilhena bezig ziet, vooral bij dat doelpunt van Duits,  zal toch onwillekeurig wel eens achter zijn oor krabbelen. Het is niet leuk om het te memoreren, maar vergelijk dat nog eens met de jeugdspelers waarmee Van Gaal in 1995 de Champions League won. Zijn wij dat niet veel te snel tevreden of zelfs enthousiast?  Sommige spelers  lopen nu al naast hun schoenen omdat zij door diezelfde Van Gaal voor Oranje zijn uitverkoren en halen hun neus op voor een contractverlenging bij de club die hen opleidde. Zogenaamd omdat men zich (De Vrij) op het restant van de competitie wil concentreren. Nou, dat hebben wij vandaag gezien, laat me niet lachen.

Het gekke is dat Feyenoord nog steeds tweede kan worden, met dank aan het eveneens falen van de concurrentie. En hoewel wij helemaal niets hebben te zoeken in de Champions League en zelfs niet in de Europa League kunnen we daardoor toch weer in aanmerking komen voor de voorrondes.  Het is de enige troostprijs die ons rest, maar zeker de moeite waard. Echter, dan zal er volgende week wel uit een ander vaatje moeten worden getapt in de thuiswedstrijd tegen Vitesse. En een mannetje bovenop Bony moeten worden gezet. Wat dat betreft kon je in zijn tijd Piet Romeijn als mandekker om een boodschap sturen, maar hebben we nu nog wel zo iemand in huis??? Het is aan Ronald Koeman, die zijn ploeg de laatste tijd niet meer zo goed kan inspireren, om die vraag te beantwoorden.

ForLife en ForEver

Rood-wit-zwart

Feyenoord-hart

 

Alle beetjes helepe

Alle beetjes helepe

Zeej ‘t muissie

ennie piste in de Maas

Jazzcafé PIEK

In het welbekende Scheepvaartkwartier in Rotterdam is de gemeente druk met de herinrichting van de horeca. Prachtige eetcafé’s, lunchrooms, restaurants wisselen de traditionele barren af en het is heerlijk wandelen vanaf het centrum, richting de prachtige Maas, door deze mooie wijk. En aan de Scheepstimmermanslaan, op nummer 3B is sinds kort een nieuw café geopend. Jazzcafé PIEK.

Eigenaresse Piek ter Haar, met een horeca verleden op het mooie Bonaire, opende haar deuren om het publiek de gelegenheid te geven na het werk, of in het weekend een heerlijk biertje te komen drinken of een ander drankje uit haar uitgebreide assortiment. Leuk om te weten dat zij alleen achter de bar staat en dat haar gasten daarom nog ouderwets van een sigaartje of sigaretje kunnen genieten. Iedere eerste dinsdag van de maand trakteert zij haar gasten ook op live muziek. Komende dinsdag 2 oktober zal het Simon Rigter Trio optreden. Je bent van harte uitgenodigd om een kijkje te komen nemen.

Openingtijden:
Ma-Za van 16.00u – 23.00u
Vrij-Za tot 24.00u

Rotterdammer; roots in Rotterdam

Tja, daar zit je dan. Voor de eerste keer effe wat schrijven voor ‘echwelrotterdams’.
Enneh, …… o ja, dank je wel dat je de moeite neemt om dit te lezen.

Rotterdammer zijn is net zoiets als het hebben van een koortslip. Je hebt er maar af en toe last van en iedereen ziet het aan je.

En je komt er nooit meer van af! Nou gaat bij dit laatste de vergelijking een beetje mank. Niet dat je er niet meer van af komt, maar in afwijking van een koortslip, vind je het als Rotterdammer ook niet errug dat je er nooit meer van af komt, toch?
Ik tenminste niet.
En, nu ik in Werkendam woon (jaha,  wel met evenveel letters en lettergrepen als ‘Rotterdam’ en ook nog eens een mooie grote haven!) ben ik hier wel iemand die uit de ‘grote stad’ komt. Voor wat dat waard is natuurlijk, maar kennelijk telt dat.
Dat er in Rotterdam zat dingen gebeuren die nou eenmaal ook bij een grote stad horen en hier (gelukkig  nog) niet, maakt ze niet uit.
Kom ik eigenlijk automatisch op het volgende: Een rasechte Rotterdammer kan niet zonder zijn stad, maar heeft tegelijkertijd een raar soort haat / liefde verhouding met de stad. Kent u dat? Of op zijn Rotterdams: ‘kennu dà?
Maar daarover later vast meer. Uiteindelijk is dit mijn eerste artikel en je moet niet overdrijven; doe maar gewoon.

Ik wil besluiten met een gedicht (een ode?) aan Rotterdam. Wel zo netjes, toch; zo voor een eerste keer.

Nou, daar gaatie dan:

Rotterdam

Roots in Rotterdam, trots op Rotterdam

Da’s gewoon hetzelfde, alleen dan op zijn Engels’ geschreven.

Ben dus Rotterdammer.

Geboren en getogen,
gepokt en gemaaseld.

Waar ik ook ben, na enkele woorden;
Je komt zeker uit Rotterdam?

Ja, toch? Nou dan.

We hebben de Vaanweg, de Vaandragerdreef en het Vaanplein.
Als je dan ook nog Vaandrager heet, ben je dan Rotterdammer of niet soms?

Ech wel!