Berichten

Gemengde gevoelens

Beste Feyenoord-vrienden,

Gemengde gevoelens, dat is de beste omschrijving van de emotie waarmee ik op deze meer dan volwaardige klassieker terug kijk. Opgelucht dat te elfder ure toch aan een onverdiend verlies werd ontkomen, maar toch ook teleur gesteld dat het evenwicht aan gewonnen partijen in De Kuip, gespeeld  door de eeuwige aartsrivalen, niet werd hersteld.

Zoals zo vaak was het Ajax dat de leiding nam in De Kuip, maar tot twee keer toe wist Feyenoord de snel opgelopen achterstand, verdeeld over beide helften, te repareren. Het publiek kan zich geen moment hebben verveeld, want de clash tussen beide voormalige giganten was van het eerste tot het laatste fluitsignaal buitengemeen boeiend. Bij al dat sportieve positivisme was het dan ook bijzonder betreurenswaardig dat er toch weer een stelletje malloten vuurwerk afstaken en ook (voorafgaande aan de wedstrijd toen Peter Houtman bezig was Guidetti te huldigen) plastic bierglazen (contradictio in terminis) en andere voorwerpen op het veld gooiden. Een flesje trof onbedoeld de eigen speler Janmaat waar Babel

waarschijnlijk het mikpunt was. Dat ongelukkige en voor de speler nogal pijnlijke incident accentueert nog eens de grenzeloze dwaasheid van een stelletje ontspoorde en respectloze nepsupporters. Ik hoop van heler harte dat met behulp van de vele camera’s alle daders kunnen worden opgespoord en een levenslang stadionverbod krijgen.

Terug naar de wedstrijd. Wat een vondst en lef van toptrainer Ronald Koeman dat hij Jean-Paul Boetius (het trema op de e moet ik om technische redenen weglaten) in de basis durfde te laten starten. De jongeling behoorde in de eerste helft tot de absolute gang- en smaakmakers aan Feyenoord zijde. Hij beloonde het vertrouwen van de blonde Zaankanter met een schitterend doelpunt uit een voorzet van Wesley Verhoek. De assist was natuurlijk voor zijn Haagse maatje Lex Immers bedoeld, maar de Hagenees maaide finaal over de bal heen, zodat het ronde leder op de doeltreffende voet van Boetius belandde. De Kuip explodeerde.

Diep in de tweede helft was het Graziano Pelle die de opnieuw opgelopen achterstand weg wiste en daarmee werd dus ontsnapt aan een onverdiende nederlaag. De Italiaan toont steeds meer aan wel degelijk te kunnen scoren. Het was bovendien een goal van grote klasse. De teller staat inmiddels op vier en daarnaast maakt hij zich natuurlijk buitengewoon nuttig met het vast houden van de bal, zodat er kan worden aangesloten vanuit de tweede linie. De tweede gelijkmaker was de bekroning van een wedstrijd die misschien wel geen winnaar verdiende, maar waarop Feyenoord wellicht met miniem verschil het meeste recht op zou hebben gehad. Natuurlijk was het een botsing van twee verschillende spelstijlen, waarbij Ajax het beste combinatiepatroon op de mat legde en Feyenoord het vooral van inzet en het winnen van de persoonlijke duels moest hebben. Het kwartje had beide kanten kunnen oprollen maar het werd dus een remise.

Na de opmerkelijke triomf van de Mokummers op Manchester City waande men zich in de residentieloze hoofdstad vermoedelijk weer favoriet en De Boer deed er vooraf nog een schepje bovenop door te mekkeren over een penalty die Feyenoord in de vorige aflevering in De Kuip had gekregen. Nu zanikte hij weer achteraf over de rode kaart van Moisander. Een trainer van Ajax is wel de laatste die over zulke zeurthema’s zou mogen beginnen. Ajax voert niet voor niets het predicaat Lucky in het fictieve vaandel. Ik zou bladzijde na bladzijde kunnen vullen met voorbeelden van wedstrijden waarin Ajax op soms bijna schaamteloze wijze werd geholpen door de arbitrage en dat is zeker ook vaak genoeg in de klassiekers het geval geweest. Siem Wellinga en Dick Jol waren daar ooit eclatante voorbeelden van, maar er zijn veel meer metaforen. Blom bijvoorbeeld, die een klap van Suarez negeerde maar wel direct daarop rood gaf aan Babovic wegens een vermeende elleboogstoot. De Boer doet met zulke zure opmerkingen afbreuk aan zijn verdiensten als trainer.

Volgende week wacht ons dierbare Feyenoord opnieuw een zware opgave, ditmaal tegen Twente. Vandaag hebben we twee punten ingeleverd ten opzichte van vorig seizoen, toen nog met 4-2 werd gewonnen. Ook volgende week zal het buitengewoon lastig zijn om niet nog meer punten in te leveren, want destijds werd met 0-2 gewonnen in het Arke stadion. Voor de helft van die score zou ik nu maar wat graag tekenen.

Concert in de Kuip

Ik heb een tijd in de Beyerlandsestraat gewoond.
Dat was in de jaren 80 en er waren toen heel wat concerten in de Kuip.
Madonna, The Stones, Bruce Springsteen en Natuurlijk U2

Van de meeste heb ik op mijn balkon mogen meegenieten.
Soms was ik er ook echt aanwezig zoals U2, geweldig.

Mijn eerste concert vergeet ik ook nooit meer.
Het NCRV spektakel; Los Vast met Jan Rietman

Een gratis concert en het was bomvol.
Hans de Booy was een van de gene die kwam optreden, hij had toen een hit met Annabel.

Ik weet nog dat hij opkwam de eerste tonen inzette en de hele kuip zong mee.
Of hij nou oprecht verbaasd was of dat het de softdrugs waren, hij maakt een verdwaasde indruk.

Mijn laatste concert in de Kuip was Doe Maar, en dat ik ook al weer een paar jaar geleden.
Ook hier heb ik heerlijke herinneringen aan, op het veld mee gillen als een dertien jarig meisje.

Er ging veel bier, andere drank en pretsigaretjes rond.
Voor elk wat wils.

Zijn jullie wel eens naar een concert in de kuip geweest?

Samen op de Fiets

Vandaag laat ik Opa Bram thuis. Waarom? Omdat ik met mijn vader Aad Schell op de fiets mee mag. Mijn vader werkt vol continue, dus onze tijd is schaars.
De fiets was een basis fiets, geen versnellingen, wel een bel, en een stoeltje aan het stuur.
Samen weg vond ik altijd leuk.
Oh nee, één keer was ik bang. Toen had mijn vader zich voorgenomen samen met mij naar de Kuip te gaan. Hij was een Spartapiet, heeft zelf ooit als jeugdige in het eerste van Sparta gevoetbald, dus ik denk dat het om een wedstrijd ging tussen Feijenoord en Sparta, maar ik durf er mijn hand niet voor in het vuur te steken.
Om een kort verhaal lang te maken: we hebben de tribune nooit bereikt. Waarom niet?
Assie durfde de trappen niet op. Veel te hoog, maar daar kwam ik halverwege pas achter, toen ik niet meer vooruit durfde. Dus tegen de stroom in terug naar beneden. En met het pontje terug naar de Parkkade.

Maar meestal fietsen we door het Havengebied. Het gedeelte tussen de Sint Jobshaven en het Marconiplein.
Langs de horlogemaker en langs Stokvis.
De wind in mijn gezicht en haren, soms mocht ik bellen, en mijn vader trappend tegen de wind in en voluit zingend.
Ja, zingend. Iedereen mocht weten dat we langs waren geweest.
En ik had ook mijn eigen partij in mijn favoriete liedje: “How much is that Doggie in the Window”.. Ik deed vol overtuiging de “woef woef”.

http://www.youtube.com/watch?v=L-U894UkSNI

Ik vond het fantastisch als hij zong. Maar ik was de enige geloof ik. Nu zong hij dus vaak op straat en verhaspelde teksten met ondeugende zinnen als: “Vader liet een frisse dreutel, vader lied een frisse wind, zie hem schuiven in extase…” Ik vond het hilarisch.

Maar goed, tegen de tijd dat wij van Gend en Loos aan de linkerkant voorbij waren, staken we over, oppassen voor de rails en eventuele goederenwagons en reden wij het echte havengebied in.

Mijn vader was ooit kraanmachinist en mijn moeder ‘stekker’- telefoniste bij hetzelfde bedrijf. Zo hebben zij elkaar ook ontmoet. Dit terrein was hem dan ook goed bekend.

Tegen die tijd zette hij weer een ander liedje in. Bijvoorbeeld “Bird Dog”. Ik verstond toen ‘sjannie is een sjoker’, maar ach, ik was maximaal 4 jaar oud.
Laatst vertelde iemand mij dat hij als kind het zo fantastisch vond dat Bad Moon Rising van CCR begon met “Assie a Bad Moon rising”. Herkenbaar dus.

Ik hield van de bewegingen in de havens, kranen die loom draaiden, ook op zondagen, om een schip te laden en te lossen. De loodsen, rails en goederenwagons die zomaar konden oversteken zonder spoorbomen. Zó spannend! En de krijsende meeuwen natuurlijk!
Dat havengebied is niet meer. Er staan flats op en appartementen met penthouses.
De rails is weg, de goederenwagons zijn niet meer.

Mijn vader is ook niet meer, maar nog steeds geniet ik als ik in een havengebied ben. De geuren, het nooit stoppende werk.

En.. nog steeds heb ik hoogtevrees.

Rotterdammert

Rotterdammert

Ik ben geboren in Schiedam in 1977. Daarna zijn we naar Zeeland verhuist en toen naar Rotterdam. Mijn leven begon dus op de Statenweg 119 (zeg maar hoek Stadhoudersweg) op de derde en vierde verdieping. Lees meer

Gedicht: De Maasstad

De Maasstad

Van de Maasboulevard tot aan de Euromast,
loop ik en geniet van het uitzicht.
Van de Bergselaan tot aan de Statenweg,
in het donker zijn de straten verlicht. Lees meer

Opa Henk

Daar zat hij in zijn stoel voor het raam. Het knusse huis aan de Walchersestraat in Rotterdam Zuid zat, zoals elke zondag, vol met bezoek en de sfeer van nostalgie hing in de lucht. Met zijn vinger in de lucht zat hij voorovergebogen een verhaal te vertellen. Hij vond het prachtig. Zijn vrouw rolde met haar ogen en maakte een sarcastische opmerking. Hij keek niet op of om en ging verder met zijn verhaal. Ik luisterde aandachtig en genoot van de beleving die hij in zijn verhaal lag. De verhalen raakten mij. Het ging vaak over de oorlog, over de gure tijden waarin hij had geleefd. Hij nam mij mee naar die tijd en liet me de dagelijkse beslommeringen even vergeten.

Even later nam hij plaats in de stoel aan de andere kant van de kamer voor de tv. Feyenoord moest spelen dus hij zat klaar. Zijn koptelefoon stond op maximale volume, want hij werd een beetje doof. Hij was Feyenoorder in hart en nieren. Ruim 80 jaar lang ging hij naar elke wedstrijd van Feyenoord aan de kromme zandweg in Charlois en in de Kuip. Hij was er bij in 1924 toen Feyenoord voor het eerst landskampioen werd. Drie stuivers telde hij voor die legendarische wedstrijd neer. Het spel van Puck van Heel en Adriaan Koonings had zijn liefde voor de ‘arbeidersclub’ uit Rotterdam voor altijd aangewakkerd. Met zijn broer en zijn vrienden zwierf hij over straat als Feyenoord moest spelen. Ze verzamelden zich voor de etalage van de sigarenhandel Van Twist, die bij elke goal de tussenstand op het krijtbord schreef, maar die tweede pinksterdag in 1924 móesten ze erbij zijn.

Hendrikus Johannes Lutgerus Geurtz, ofwel opa Henk. Mijn overgrootopa. Hij was een bijzonder mens met een passie voor zijn club Feyenoord. Op 5 november 2007 overleed hij op 95-jarige leeftijd. Tot een jaar voor zijn dood bezocht hij nog trouw elke wedstrijd van Feyenoord in de Kuip vanuit zijn eigen stoeltje. De eerste wedstrijd na zijn overlijden werd zijn stoel vrij gehouden. Iedereen in het vak kon Henk en Henk kon iedereen.

De beelden van de Feyenoord rellen deden mij aan hem denken. Hij zou voor altijd achter zijn club zijn blijven staan. Ik zie hem zo weer voor me, zijn ongeloof uitsprekend over de rellende jongeren. Met zijn vinger in de lucht zou hij dan zeggen: ‘Ik blijf voor altijd Feyenoorder!’ Ik ben trots dat ik lang heb mogen genieten van deze bijzondere man en met elke overwinning die Feyenoord behaalt, denk ik even aan hem met mijn vinger in de lucht.

In 2008 kwam het boek ‘Legioen!’ uit. Dit boek gaat over de eeuwige liefde voor Feyenoord 1908-2008. Een heel hoofdstuk is er aan opa Henk gewijd. Dit hoofdstuk gaat over die bewuste tweede pinksterdag in 1924. Hij vond het prachtig dat hij werd geïnterviewd, omdat hij niets liever deed dan praten over ‘zijn’ Feyenoord. Helaas heeft hij het boek nooit overhandigd gekregen. Hij was toen al overleden, maar ik weet zeker dat hij trots was geweest. Dit boek is een mooie nagedachtenis aan hem en brengt mooi in beeld wat Feyenoord voor hem betekende.

 

Hendrikus Johannes Lutgerus Guertz 5 februari 1912 – 5 november 2007