Berichten

Partyschip Raderstoomboot De Majesteit

De Majesteit behoort sinds 1926 tot de grootste en meest luxueuze raderstoomboten van Europa. Na jarenlang als cruiseschip het continent te hebben doorkruist, is het in1999 imperfecte staat gerestaureerd tot varende feestlocatie. Regelmatig worden er themafeesten en dinnershows georganiseerd voor een groot publiek. Kortom een koninklijke verzorging in nostalgische sferen. Een bijzonder avondje uit met vrienden of familie of exclusief te huren.

Premiére Showboat Party: Zee vol Fantasie

Op 9 maart 2013 is de première van de Showboat Party Zee vol Fantasie. Hierbij vaart u mee met De Majesteit op een koninklijke reis naar verre bestemmingen. Het wordt een feestelijke cruise vol muzikaal spektakel en culinaire verrassingen. Voor een avondje entertainment met familie, vrienden of collega’s een geweldig feestje op de Showboat.

Bij deze Showboat Party is inbegrepen:

  • Welkomstcocktail en luxe amusehapjes
  • Smakelijk koud en warm Captain’s Dinner Buffet
  • Uitgebreid Dessert Buffet
  • Onbeperkt drankjes met keuze uit het internationaal assortiment
  • Musicalsterren Prins Valentijn en Prinses Julia
  • Trotse zeegod Neptunus
  • Allround live band
  • Live muziek en entertainment aan tafel en in uw salon
  • Wervelende dansshowsRudolf FitskieDancers
  • Havencruise op  stoom
  • Portretfotografie, een blijvende herinnering

Prijs: € 89,50 p.p. All-in exclusief € 5 reserveringskosten.
Al vanaf 1 personen te reserveren.

Bekijk ook onze andere Showboat Party’s en mogelijkheden voor evenementen op maat op onze site: www.raderstoomboot.nl

Wil je alvast een impressie van de evenementen op De Majesteit? bekijk dan het volgende filmpje http://www.youtube.com/watch?v=Ldx4EH47LfY&feature=player_detailpage of de foto’s op onze facebookpagina: www.facebook.com/Raderstoomboot

Elf jaar geleden!

Beste Feyenoord-vrienden,

Gisteravond konden we zien hoe Robben zijn club een narrow escape bezorgde in de CL-finale tegen Borussia Dortmund. Elf jaar geleden was de club uit de Kohlenpott de tegenstander van ons dierbare Feyenoord in die onvergetelijke UEFA cup  finale van 8 mei 2002. Twee dagen na die vreselijke moord op Pim Fortuyn. Even onvergetelijk overigens, maar dan in negatieve zin!  Feyenoord en Borussia ontliepen elkaar destijds niet zoveel. Pierre van Hooijdonk en de snelle rode kaart voor Juergen Kohler maakten het verschil (3-2).  Sindsdien is er veel veranderd. Jorien van den Herik bleek een jaar later de betekenis van Pi-air voor Feyenoord niet op zijn waarde te schatten, wellicht enigszins misleid door dat bizarre bekerdrama tegen FC Utrecht (1-4). Hij weigerde in ieder geval botweg aan een redelijke eis van de West Brabantse koningsschutter te voldoen om Pierre over twee jaar uitgesmeerd nog anderhalf keer zijn riante jaarsalaris uit te betalen. Pierre vertrok en in zijn kielzog Paultje Bosvelt, Bonaventure Kalou en Brett Emerton. Ondanks de komst van Dirk Kuijt en Salomon Kalou kwam Feyenoord die sportieve aderlating niet meer te boven.  De rampzalige bekerfinale van 1 juni 2003 tegen de Domstedelingen was een voorbode van de vrije val die Feyenoord in hoog tempo zou gaan maken.

Bert van Marwijk vertrok een jaar later (2004) naar Borussia Dortmund, maar zou daar niet echt potten gaan breken. De Borussen speelden in die tijd min of meer een figurantenrol in de Bundesliga, equivalent aan Feyenoord, dat in al die jaren sinds 2002 slechts een miezerig ‘dennenappeltje’  won. Dat lukte dankzij een serie relatief gelukkige lotingen, toevallig (?) tijdens het eeuwfeest in 2008. Borussia heeft al enkele jaren geleden de weg naar boven weer kunnen vinden en werd in 2011 en 2012 landskampioen. Tijdens het afgelopen CL toernooi had het geen kind aan Ajax en schakelde het brutaalweg Real Madrid uit in de halve finale van de CL. Wie de verrichtingen sinds 2002 van Borussia vergelijkt met die van Feyenoord kan slechts een wereld van verschil ontdekken. Feyenoord heeft op rand van een bankroet gestaan, voor de tweede keer nadat Jorien van den Herik Feyenoord eerder van de ondergang redde in de begin negentiger jaren. Na diens trieste en troosteloze vertrek via de zijdeur gleed de club nog een tijdje verder weg in het moeras eer een nieuw en enigszins technocratisch bestuur, gesteund door een aantal gefortuneerde Feyenoord-vrienden, daadwerkelijk orde op zaken ging stellen. Langzaam maar zeker klimmen we uit het dal, maar de voormalige tegenstander van 8 mei 2002 bevindt zich inmiddels op intergalactische afstand van Feyenoord.

Zou dat ooit nog goed komen?

Een moeilijk te beantwoorden vraag. Feyenoord lukt het ook nationaal nog steeds niet om het hoogste erepodium te betreden. Alle hoop is gevestigd op de beste jeugdopleiding van Nederland maar onderwijl zit de oude aartsrivaal na een lange Eindhovense heerschappij en eenmalige successen voor AZ en FC Twente weer hoog te paard. De CL miljoenen stromen daar binnen en wij moeten nog maar zien dat we ons kwalificeren voor het financieel en sportief veel minder lucratieve EL toernooi. Een missie die vorig seizoen niet aan ons was besteed. Sparta Praag versperde ons de weg.

En enkele jaren geleden zette een Vlaams ploegje ons de voet dwars. We zijn het afgelopen decennium sowieso geen klasbakken waar het play offs betreft, zowel nationaal als internationaal. En toch zal het er een keer van moeten komen, willen we meer inkomsten kunnen verwerven dan de huidige sponsordonaties, entreegelden en incidentele transfers. Die transfers kunnen weliswaar behoorlijke bedragen  opleveren, maar betekenen meestal ook een stevige sportieve aderlating.

Maar het kan natuurlijk altijd nog slechter. Zoals Sparta heden middag in de laatste minuut de bietenbrug opging in het bronsgroen eikenhout, dat gun je de oude stadsrivaal van de overkant toch ook weer niet, ook al is de club van West en zeker haar aanhang ons niet overdreven welgezind. En hier en daar zal door Legionairs best een beetje besmuikt gelachen worden nu FC Twente helemaal naast Europees voetbal grijpt. Best wel Fervelend voor de Tukkers, die nog niet zo lang geleden de uitvinding van het witte garen werden toegedicht. Munsterman kent inmiddels weer een beetje zijn plaats, ook hij blijkt geen wonderdokter. Twente eindigde dit seizoen gewoon weer op een plaats waar het de afgelopen 45 jaar vaak een abonnement op had, in de wat lagere subtop. FC Utrecht daarentegen deed het uitstekend. Een vriend van mij, tevens fervent ‘Utereg’ fan, droomde vanmiddag per mail van een EL-finale Feyenoord – FC Utrecht, op woensdag 14 mei 2014in het Juventus Stadium te Turijn. Willen zulke dromen ooit werkelijkheid worden, dan zal er nog wat nadrukkelijker gesleuteld moeten worden aan de internationale verhoudingen. Dus geen licenties meer verstrekken aan clubs met astronomische schulden en een stringent beleid ten aanzien van het opstellen van buitenlanders. Zoals het in de gouden jaren zeventig van Feyenoord dus was, met een maximum van twee spelers.

Bij ons waren dat destijds Ove Kindvall en Franz Hasil. Daar kwamen we heel ver mee, we bereikten zelfs het hoogste en werden wereldkampioen.

Bovendien waren toentertijd de Italiaanse grenzen potdicht gesloten voor buitenlandse spelers. En van een Bosman-arrest had nog nooit iemand gehoord. De clubs lagen nog boven in de onderhandelingen met de spelers.

Zelfs als het contract was afgelopen kon men nog een forse transfersom eisen.

Maar Borussia Dortmund heeft aangetoond hoezeer een club zich in elf jaar tijd weer naar de absolute top kan toewerken. BVB heeft wel een capaciteit van 80.000 toeschouwers. Die zullen we in Rotterdam nooit halen, maar een nieuw, groter en eigentijdser stadion zal wel een cruciale factor zijn om veel van het sportief verloren terrein terug te winnen. Maar na het Bosman-arrest dreigt de Europese Unie ons weer de voet dwars te gaan zetten, nu ten aanzien van een nieuwe Kuip. Je zou er niet Eurosceptisch, maar Eurocynisch van worden!

 

ForLife en ForEver

Rood-wit-zwart

Feyenoord-hart

Rotterdam is echwel internationaal

Er zijn zo van die momenten dat ik blij ben Nederlander te zijn en (natuurlijk) in het bijzonder Rotterdammer.

Onlangs, met onze vakantie in Scandinavië, had ik weer regelmatig van die momenten. Ik zal je vertellen waarom.

Tijdens onze reis via Odense, Kopenhagen, Varberg , Trollhӓtten en nog meer van die plaatsnamen die je vroeger met aardrijkskunde hebt geleerd en waarbij je er nu achterkomt dat die aldaar heel anders worden uitgesproken (maar daar over later in deze column) viel het mij bij de eerste plaats al op dat er heel weinig staat aangekondigd in een andere taal als waar je bent. Niet bij campings, niet bij restaurants en zelfs niet bij een beroemde attractie als Tivoli in Kopenhagen. Alles alleen maar in de locale taal. Als buitenlander zoek je het maar lekker zelf uit!

Bizar, als je er eventjes over nadenkt dat er miljoenen buitenlandse toeristen Scandinavië jaarlijks bezoeken en het koeterwaalse taaltje (want ik maak er echt niets van) niet machtig zijn.
Zelfs in de restaurants die wij bezochten (en het maakte niet uit of dat op de camping was of in een heus restaurant) waren de menu’s alleen in de landstaal.

Voor mij extra bizar omdat ik me realiseer dat er in Rotterdam de laatste decennia altijd wel ergens in een deelgemeente de discussie wordt gevoerd om algemene (openbare) mededelingen ook nog in het Koerdisch, dan wel andere verre talen te publiceren.

Kijk, dat maakt in essentie waarom wij een internationale wereldstad zijn en de steden in Scandinavië  minder of niet. In Rotterdam kan je op bijna elke hoek van de straat in vele talen wijs worden gemaakt. Toen ik desgevraagd door een Zweedse journalist het serieuze antwoord kreeg dat hij ook niet begrijpt waarom zoveel buitenlanders zijn land en Scandinavië bezoeken ‘waar niet zo veel te beleven is’, begrijp je dat de oorzaak ligt in het niet trots zijn op je eigen land, stad en streek. Nou, dat is met Rotterdammers wel anders, toch? Wij zijn trots op de stad en het land waarin we wonen, ook al hebben we er wel elke dag commentaar op; dat hoort er gewoon bij.

Ik had het zojuist al over de (voor ons) onuitsprekelijke talen die daar worden gesproken. Wat zeg ik? Niet alleen onuitsprekelijk, maar ook onlogisch. Lezen wat er staat is er echt niet bij. Sowieso wordt daar in de meeste gevallen de ‘V’ als een ‘W’ uitgesproken, maar er worden daar ook klanken bij verzonnen die helemaal niet in het woord voorkomen.

Ik geef en voorbeeld:

We kwamen langs een plaats die ‘Tvaaker’ heet, alleen dan op allebei de ‘a’s zo’n klein rondje dat niet op mijn toetsenbord zit. Nou had ik inmiddels geleerd dat een ‘a’ met zo’n rondje erboven als een ‘è’ wordt uitgesproken, en soms als een ‘otje’. Omdat ik twee van die ‘aas’ wel heel vreemd vond heb ik gevraagd hoe je ‘Tvaaker’ uitspreekt.
Nou, hou je vast, want ook ik geloofde mijn eigen oren niet.

Tvååker  (jaha, ik heb het rare ‘aatje’ uiteindelijk toch weten te ontdekken op mijn laptop)
wordt uitgesproken als : ‘Twoo- ùh- Ke- ùh- ke’.  Dat moet je vloeiend als één woord uitspreken. En als je het daarbij dan ook nog heel ‘droog’ zegt zoals een echte Hagenees dat doet, dan komt het behoorlijk in de buurt.
Nou, je kunt me veel vertellen, maar dat staat er echt niet: Tvååker! Dat spreken wij heel anders uit, toch?

We zijn uiteindelijk één camping in de plaats Habo bij het Vӓtterenmeer tegengekomen die meertalig was. Een niet al te grote  gezellige  camping met alles erop en eraan op honderd vijftig meter afstand van het op één na grootste meer van Zweden. Zelfs bij de ingang werd je verwelkomd in vele talen, waaronder (jawel) het Nederlands. Je raadt het al; de eigenaren zijn Nederlanders. Een camping om te onthouden trouwens. Voor jong een speelplaats met skelters en zwemmen in het meer en voor de ouderen een mooie omgeving om te bezoeken of te wandelen/fietsen, schoon sanitair en een eenvoudig, maar compleet ingerichte keuken om (gratis) te koken en een (betaalde) mogelijkheid om te wassen/drogen.

Na alle belevenissen en de schitterend mooie gebieden die we hebben bezocht, ben ik altijd ook weer blij thuis te zijn, waar ze Rotterdam gewoon uitspreken als ‘Rotterdam’!