Berichten

De Kuip, sentiment of ratio (2)

Beste Feyenoord-vrienden,

Een bijzondere belevenis was het juichende stadion nadat Feyenoord een goal had gescoord. De eerste keer dat ik mij daar als jongetje naast de vele andere indrukken van bewust werd was in een op 15 mei 1958 gespeelde wedstrijd tegen Fortuna ’54 uit Geleen, dat toentertijd nog absolute topspelers als goalgetter Bram Appel, Cor van der Hart (beste voetballer van Nederland) en verdediger Jan Notermans in de ploeg had. Frans de Munck, de onbetwiste nationale doelman met de exotische bijnaam Zwarte Panter was toen al naar DOS verhuisd, dat met hem in datzelfde seizoen de landstitel zou pakken. Kees Rijvers, die bij Feyenoord rechtsbinnen speelde, had met een dropkick gescoord (1-0) en het stadion ontplofte! Ik zat aan de zijkant van ‘de put’ (X noord) en zag al die juichende, springende, zwaaiende, elkaar omhelzende toeschouwers op de eerste en tweede ring en die aanblik maakte mij dubbel enthousiast om mee te delen in de tomeloze vreugde, waarmee die schitterende voetbaltempel seconden lang bezwangerd was. De domper kwam niet lang daarna en nog voor de rust toen Henk Angenent (een ver familielid van vooralsnog de laatste winnaar van de Elfstedentocht) tegen scoorde (1-1). Met name Coen Moulijn trachtte na rust met wervelende acties het pleit alsnog in het voordeel van de thuisclub te beslechten, maar helaas vond de droomvoorhoede van Feyenoord bij goede doelpogingen doelman Ed Belski van de Limburgers op zijn weg. Op een of andere manier heeft Fortuna ’54, ook als latere fusieclub Fortuna Sittard, ons vaker danig dwars gezeten. In 1957 verloren we na een  2-1 voorsprong bij de rust alsnog de bekerfinale in De Kuip tegen de Zuid-Limburgse topclub van weleer (2-4). In latere jaren verslikten we ons met 1-3 tegen het toen veel bescheidener Fortuna Sittard met de gevaarlijke sluipschutter Ronald Hamming in de ploeg. Tijdens het seizoen 1996-1997 zette de zuidelijke ploeg ons de voet dwars met 4-4 na een spectaculaire wedstrijd in De Kuip waarbij wij drie keer hadden achter gestaan en Ronald Koeman eerst een strafschop miste alvorens een tweede elfmetertrap feilloos te benutten. Mede door deze onverwachte remise werd PSV dat seizoen kampioen met uiteindelijk 4 punten voorsprong.

Waar Feyenoord in vroegere jaren in de eigen Kuip ook veel moeite mee had was stadgenoot Sparta. Er is zelfs een seizoen geweest dat Feyenoord in Spangen met 0-4 had gewonnen met koningsschutter Cor van der Gijp als scorende uitblinker (op 2 december 1956), waarna in De Kuip met 0-3 werd verloren. Het enige wapenfeit was een buitenspelgoal van Toontje Meerman die prompt werd afgekeurd. Historisch is natuurlijk de bizarre en onverdiende 0-1 nederlaag die Feyenoord op 23 augustus 1959 tegen Sparta leed na een uiterst omstreden strafschop die de Amsterdamse (!) Leo Horn kort voor tijd aan Sparta had geschonken nadat EddY Pieters Graafland de hinderende Wim van der Gijp een vriendelijk schopje onder het Dordtse achterwerk had gegeven na het wegtrappen van de bal. Tinus Bosselaar benutte de idiote strafschop en toen beleefde ik voor het eerst in mijn nog zeer jeugdige leven ongeregeldheden in Neerlands mooiste en meest traditionele voetbalstadion. De spelers en arbitrage moest toen nog over een onbeschermde sintelbaan naar de kleedkamers lopen. Een regen van gehuurde kussentjes daalde neer op Leo Horn  en een haag van agenten kon niet verhinderen dat de belaagde leidsman  van een woeste toeschouwer een schop moest incasseren. De eigenzinnige Mokummer zou een seizoen lang niet in De Kuip mogen fluiten en na zijn terugkeer in een wedstrijd tegen GVAV op 13 november 1960 was het eerste wat hij deed aan Feyenoord een pingel geven bij een 0-0 stand. De penalty werd benut, maar Feyenoord verloor wel met 1-3. Naar aanleiding van eerder genoemde gewelddadigheden werd het Leo Hornpad aangelegd. Veel stelde het niet voor, het was een looppad van de kleedkamers over de sintelbaan naar het hoofdveld, slechts afgezet met dranghekken die geen enkele bescherming boden tegen eventueel kwaadwillende toeschouwers.  Naderhand werd ter meerdere beveiliging (als gevolg van een verdere verruwing van de samenleving?) de spelerstunnel aangelegd.

In het in 1937 opgeleverde stadion zijn vele historische wedstrijden gespeeld. Nederland won er een keer de derby der Lage Landen met 9-1 van de Belgische zuiderburen en Feyenoord won er met 7-3, 9-5 en 9-4 van Ajax.

Een kleinere stadsgenoot van de Mokumse aartsrivaal (De Volewijckers) werd ooit op een nederlaag van 11-4 getrakteerd. NAC werd een keer met 10-0 verslagen na een 1-0 ruststand. Geschiedenis werd natuurlijk ook geschreven met de 12-2 walk over tegen de IJslandse tegenstander KR Reykjavik en dan waren er de 2-0 triomf op wereldbekerhouder AC Milan en de latere identieke zege op die andere Italiaanse grootheid, afkomstig uit Turijn (Juventus). En al was het resultaat tegen AC Milan toernooitechnisch gezien van veel groter belang dan dat tegen De Oude Dame, juist die laatste zege was wellicht nog spectaculairder dan die tegen AC Milan, gelet op de toen al drastisch gewijzigde internationale verhoudingen bij het clubvoetbal. De Kuip ontplofte bij die beide goals van Julio Ricardo Cruz en voor mijn gevoel juichten de uitzinnige supporters minutenlang om die schitterende voltreffers van de Argentijnse centrumspits welke doelman Angelo Peruzzi kansloos maakten.

Maar het mooiste uit de relatief recente tijd moest nog komen. Dat geweldige, onvergetelijke, onnavolgbare en onovertrefbare UEFA Cup toernooi 2001-2002. We waren al verwend geweest met een verdienstelijke derde plaats in de CL poule waarbij wij Spartak Moskou achter ons lieten.

Het grote Bayern Muenchen werd met 2-2 bedwongen (na een 2-1 voorsprong) en zonder de geschorste Pi-air werd van de Russische topper met 2-1 gewonnen nadat in Moskou de tegenstander met 2-2 was geneutraliseerd!!

Daarna volgden een serie uiterst spectaculaire dubbelconfrontaties waarbij thuis tegen FC Freiburg met 1-0 werd gewonnen, daarna met 3-2 van Glasgow Rangers, vervolgens na strafschoppen de bloedstollende thriller tegen landgenoot PSV (my finest hour). Internazionale werd in de halve finale op 2-2 gehouden nadat in San Siro met 0-1 was gewonnen (Winnen in San Siro doen wij alleen hiero). Ja, en toen volgde de apotheose, twee dagen na de afgrijselijke en brute moord op de arme Pim Fortuyn. Borussia Dortmund was de naam, de Duitse kampioen van dat jaar 2002.  De historische finale is de enige Europese wedstrijd van het roemruchte seizoen 2001-2002 geweest waarvoor ik geen kaartje kon bemachtigen. Hoe slordig gaat ons dierbare Feyenoord soms met zijn supporters om door trouw stadionbezoek geenszins te belonen. Als je maar een silvercard had die even duur was als een gewone seizoenkaart maar destijds nog nauwelijks verplichtingen oplegde, had je met voorrang toegang tot de finale, ook al had je geen enkele Europacupwedstrijd eerder dat seizoen bijgewoond. Maar voor mijn gezondheid was het ongetwijfeld beter om de eindstrijd op zekere afstand te volgen, in mijn geval op ongeveer 140 kilometer. Nadat Jan Koller de achterstand tot 3-2 had verkleind hield ik het voor de buis niet meer uit en fietste ik de doodstille Peel in, weg van de stress, waarbij ik met mijn mobieltje een vriend uit het Noord-Limburgse Beringe had verzocht om mij na afloop van de wedstrijd alleen te bellen als Feyenoord had gewonnen. Aldus geschiedde en uit pure vreugde gaf ik een rondje weg in de plaatselijke dorpskroeg aan mijn jongste zoon (Feyenoorder in hart en nieren) en zijn vrienden die als geboren Zuid-Oost Brabanders uiteraard in meerderheid voor PSV waren. Ruim een jaar later onderging ik een open hart operatie voor drie omleidingen. Hoe zou het mij zijn vergaan als ik die hyperventilerende finale in De Heilige Kuip had moeten ondergaan? Nu, ruim 11 jaar later, heb ik het voorrecht er nog steeds met grote voldoening op terug te kijken. We zijn na al die tijd nog steeds de eerste EN laatste Nederlandse Europacupwinnaar. En daar tussendoor wonnen wij in 1974 ook als eerste Nederlandse club de UEFA Cup (tegen Tottenham Hotspur), waarbij horden gefrustreerde en gewelddadige Engelsen zich schandelijk gedroegen en hun vakken sloopten.

Qua resultaat is eigenlijk de meest historische wedstrijd in De Kuip de zege op Estudiantes de la Plata op 9 september 1970 geweest. Het was een draak van een duel, waarbij de maffiose Argentijnen het veld heel klein hielden door telkens de buitenspelval te laten dichtklappen. Maar invaller en eigen kweek Joop van Deale scoorde het enige doelpunt van de wedstrijd met een ziedend afstandschot en sindsdien mag Feyenoord zich erop beroepen als het eerste uit Nederland afkomstig voetbalelftal wereldkampioen te zijn geworden, hetgeen Oranje ondanks drie WK finales tot op heden niet is gelukt! De Wereldbeker is ook nog eens de hoogste prijs die een clubteam op deze aardbol kan winnen.

Wordt vervolgd.

ForLife en ForEver

Rood-wit-zwart

Feyenoord-hart.

Vreewijk

Rotterdam. Mijn stad. Mijn leven. Ik heb op diverse plekken gewoond in Rotterdam en overal is het goed. Ik werd geboren in de Rosestraat, vervolgens verhuisde mijn ouders naar de Vaan, al waar ik mijn gehele jeugd met heel veel plezier heb door gebracht. Vanaf het ouderlijk huis verhuisde ik naar Vreewijk om in de Berkendaal mijn eerste huis te huren. Over deze bijzonder mooie omgeving kan ik het nodige schrijven.

Vreewijk is door van der Mandele, Mees en van Ravesteijn opgericht in 1913.
Mijn opa en oma kwamen er in 1932 wonen, in de Rozengaarde. Ze mochten een huis huren als ze netjes genoeg waren en als de man werk had. Mijn opa had werk en ze waren netjes, volgens de inspectie van toen stichting Vreewijk. De inspectie had het recht om zelfs in de linnenkast te kijken of alles er wel netjes genoeg op stapeltjes bij lag, vertelde mijn oma. Immers in Vreewijk was het netjes en kwam je niet zomaar. Dit beeld was er nog toen ik een huis mocht huren. Iedereen die in Vreewijk wilde wonen wist ook, daar kom je niet zomaar.
Vreewijk is opgezet als een dorp en wordt gekenmerkt door veel groen. Wie door Vreewijk wandelt ziet nu niet meer de prachtige en verzorgde tuinen als vroeger toen ik er woonde.

Helaas is er sinds de renovatie in de jaren 80 anders om gesprongen met het beheer van huizen verhuren. Het strenge beleid dat Vreewijk ooit voerde en wat Vreewijk zo bijzonder maakte en zo mooi hield, verzorgde huizen, straten en tuinen werd niet meer gebezigd. Tegenwoordig lijkt het wel of alles kan. Bijna iedereen heeft nu zijn tuin afgeschermd met een schutting vaak ook nog lelijk. Tuinen worden over het algemeen niet meer zo netjes bij gehouden. Het is niet overal zo, maar het gezellige – keurige Vreewijk is nu niet meer, met de lage heggen zodat je bij de buren in de tuin kan kijken en de sociale controle groot was. Wel is nog een gedeelte van de oorspronkelijke bouw in tact. Dit omdat niet iedereen mee heeft gewerkt aan de lelijke renovatie, o.a. ik zelf. Sommige bomen zijn ziek in Vreewijk maar ondanks dat, is er nog steeds veel groen. Oude bomen, struiken zijn gelukkig niet weggehaald.
Uit Vreewijk komen ook bekende namen zoals Jos Brink, die er zelfs een liedje over schreef.

Jos Brink: Tuindorp Vreewijk songtekst
Tuindorp Vreewijk, Tuindorp Vreewijk
Op de Voorde, waar ik woon
Loop ik, als m’n broertjes deden
Via de Vonder en de Leede
Naar de Frankendaal
Haartjes nat en handjes schoon
Loop ik langs de Lange Welle
En m’n moeder maar vertellen
Hoe het allemaal zou gaan
Die eerste dag, grote school, zes jaar pas
Lieve juf, jij bent Jos, jij zit daar
En m’n moeder wijst, terwijl ik angstig meekijk
Dat is allemaal allang voorbij

Tuindorp Vreewijk
Een auto in de straat, een zwarte met veel chroom
Het eindpunt van lijn 3 was op de Groene Zoom
Het Zuiderziekenhuis, de Groene Hilledijk
Die gekke namen van die lieve, lage wijk
De Vonder en de Wed, de Voorde
De Voordonk en de Achterdonk
De Kreek, de Lange Geer, de Lange Welle
Met de Olmendaal, de Iependaal
Willem van Iependaal, nou ja, ja… en De Brink

Tuindorp Vreewijk (Waar woon je?) Tuindorp Vreewijk
Pas een nieuwe koningin
Met de prins en de prinsesjes
En ik lik met smaak de restjes
Uit de puddingschaal
Tuindorp Vreewijk, mijn begin
Aarzelende eerste stappen
Ik ben niet zo’n hele knappe
Op die Frankendaal
En elke dag ga ik twee keer heen en terug weer
Deutekom heeft zoethout voor twee cent
Ze zijn er zeven kerken en maar een cafe rijk
En dat is allemaal allang voorbij

Tuindorp Vreewijk
Maar mijn straatje is er nog
Ach, die kleine smalle Voorde
Die uitstekend bij mij hoorde
Toen, maar nu niet meer
Misschien loopt er weer zo’n joch
Op de Voorde langs de Leede
Net zoals wij dat vroeger deden
Langs de Lange Geer
En ik zit op ‘t terras van m’n huis met zeezicht
Het is zo ruim en zo riant en zo royaal
En ik denk, terwijl ik naar de zee kijk
Wat was het klein en lief en lang voorbij
Tuindorp Vreewijk, Vreewijk, Vreewijk

Dan was er het Hotel Restaurant ‘Het Witte Paard’ wat werkelijk wereldberoemd was. In 1980 is dit helaas zo mooie gebouw afgebrand. Vele toeristen vanuit de hele wereld kwamen kijken. De architectuur van de woningen en het hotel – restaurant het Witte Paard, tuinen het ‘nieuwe wonen voor de arbeiders’ trok vele aan. Zelfs Japanners kwamen er kijken. Na de brand werd ‘Het Witte Paard’ een dienstencentrum. Dit is inmiddels ook al weer passé.

Vreewijk is een bijzondere wijk en dat levert bijzondere weetjes op. Wist u bijvoorbeeld dat de wortels van de televisieserie ‘De Fabeltjeskrant’ in Vreewijk liggen? Ed en Willem Bever, juffrouw Ooievaar, Bor de Wolf, Lowieke de Vos, Momfer de Mol en de Gezusters Hamster: allen zijn geënt op bewoners van Tuindorp Vreewijk. Wijkbewoner Leen Valkenier schreef de teksten voor de populaire kinderserie, die ook door volwassenen goed werd bekeken. Hij maakte deel uit van een Vreewijks theatergroepje. De serie verscheen in 1968 op televisie. Medeleden van het theatergroepje herkenden verschillende bewoners in de personages in de serie. Leen Valkenier bevestigde later zelf dat hij personages baseerde op mensen in zijn omgeving. In 2005 werd de serie uitgeroepen tot het beste Nederlands kinderprogramma van de afgelopen eeuw. Meer kunt hierover lezen www.museumvreewijk.nl.
Wat ook nog leuk is, op de Lede kan je een huis – museum woning – waar je Vreewijk door de tijden heen ziet. Ook Vreewijkers zelf komen langs omdat het zo leuk is om te zien.

Op 16 februari 2012 kwam het navolgende bericht : De wijk Tuindorp Vreewijk in Rotterdam wordt aangewezen als beschermd stadsgezicht. Daarnaast worden tweehonderd woningen in de wijk beschermd monument. http://www.rijnmond.nl/nieuws/16-02-2012/tuindorp-vreewijk-wordt-monument
Dit alles zegt hoe bijzonder Vreewijk is!

Feest en presentatie ‘Groot Rotterdams Molenboek’ bij ‘De Speelman’

OVERSCHIE – Het is alweer veertig jaar geleden dat molen ‘De Hoop’ van de Delftweg naar de Overschiese Kleiweg werd verplaatst en daar in gewijzigde vorm een nieuw leven begon. Zo werd hij ‘De Speelman’ genoemd, naar de familie die meer dan een eeuw de molen in eigendom had. In 1972 was de vernieuwde molen gereed en werd toen feestelijk in gebruik genomen. Dat was vooral te danken aan een initiatiefcomité onder leiding van mevrouw S.M. Krijgsman, toen voorzitter van de Wijkraad voor Overschie.

Het comité was daar niet in geslaagd als het niet veel steun uit het bedrijfsleven had gekregen. Zo was de firma Nederhorst, op dat moment bezig met de aanleg van het Kleinpolderplein, bereid om de fundering van de molen geheel voor rekening te nemen terwijl de gemeente Rotterdam de grond onder de molen in erfpacht ter beschikking stelde. De molen kreeg bovendien weer een monumentale status omdat grote delen van het uit 1712 daterende interieur en het maalwerktuig werden verwerkt in de nieuwe molenromp, opgetrokken van stenen van in Friesland gesloopte arbeidershuisjes. Dat gaf ook recht op subsidie van het Rijk. De molen is prachtig opgemetseld door de firma Schakel uit Exmorra. Vorig jaar kreeg ‘De Speelman’, die sinds de verplaatsing eigendom is van de vereniging ‘De Hollandsche Molen’, weer een nieuwe opknapbeurt. Ook toen sprongen veel stichtingen bij met een bijdrage in de kosten.

Op woensdag en zaterdag is het wiekenpand open voor de verkoop van meel(producten) en bezichtiging. Sinds 1983 heeft de exploiterende ‘Stichting tot behoud van molen De Speelman’ een contract met molenaar Ton Edixhoven, die alweer bijna 30 jaar de molen bemaalt. Hij wordt geholpen door Jaap de Jong en Hans van der Marel.

Het behalen van de mijlpaal is mede reden voor het samenstellen van een feestprogramma op Nationale Molendag 2012 op zaterdag 12 mei. Vanaf 09.30 uur is iedereen welkom om mee te helpen met het feestelijk optuigen van ‘De Speelman’. Wel graag een telefoontje vooraf met molenaar Edixhoven (0612-730551). Voor het in de vreugdestand zetten van de wieken bestaan veel oude gebruiken die de molenaar graag zal uitleggen. De Overschiese Starrenburg scouts zetten naast de molen een tent op, maar de organisatie rekent natuurlijk op mooi weer. Vanaf 12.00 uur wordt er een kopje koffie geschonken en een overheerlijke pannenkoek geserveerd en kunnen belangstellenden een boeiende rondleiding door het binnenste van de molen maken. De pannenkoeken worden gebakken en geserveerd door vrijwilligers van de molen. Gratis, maar een bijdrage wordt op prijs gesteld. Natuurlijk kan iedereen zich ter plekke laten inschrijven als begunstiger. Het onderhoud van dit brok cultureel erfgoed is en blijft een kostbare zaak.

Omstreeks 13.00 uur is de officiële opening van het programma door deelraadsvoorzitter Kees van der Meer en worden ballonnen opgelaten. De eigenaar van de ballon die verst komt krijgt een fraaie prijs. Aansluitend is de overhandiging van het eerste exemplaar van het ‘Groot Rotterdams Molenboek’ (deel I) waarin ruime aandacht wordt besteed aan het rijke Overschiese molenverleden. Ooit stonden tussen de oude dorpskern van Overschie en het Hofplein in Rotterdam meer dan twintig molens.  Het van prachtige foto’s voorziene boek wordt uitgegeven door Uitgeverij Voet te Capelle aan den IJssel en is van de handvan Hans van Krimpen en anderen. Molenkenner Hans vanKrimpen heeft met zijn medeauteurs meer dan een jaar naspeuringen gedaan in oude (foto)archieven om de kennis over de molens van het noordelijke deel van de Rotterdamse regio vast te leggen. Ze voeren de lezer langs een denkbeeldige tocht langs alle molens die ooit in het gebied gestaan hebben. Directeur Leo Endedijk van ‘De Hollandsche Molen’ neemt het eerste exemplaar in ontvangst. Daarna is het voor iedereen te koop voor 27,95 euro.

Aansluitend is er voor jong en oud een afwisselend programma met diverse spelen en attracties en de start met een competitie strobalengooien. Die wegen 4.5 kilogram en moeten met een hooivork over een lat in de hoogte worden geworpen. Het is een spectaculaire sport die in diverse delen van het land al langer wordt beoefend. Ook zijn er nostalgische wedstrijden als kruiwagenraces en eierenvangen waaraan iedereen kan deelnemen. Natuurlijk zijn prachtige prijzen beschikbaar. Uiteraard is er een stand met allerlei consumpties tegen billijke prijzen. De prijsuitreiking en afsluiting van het feest zijn omstreeks 17.00 uur. Reserveren van het boek is mogelijk via 010-0102847362, arnoudvoet@online.nl of www.uitgeverijvoet.nl

Unieke fotoreportage stoomschip Rotterdam

Sinds vier jaar woon ik in het Rotterdamse dijkdorp Pernis op de achtste etage van woontoren De Zwaan langs de Nieuwe Maas bij de monding van de Eemhaven. Het is het hoogste pand in de omgeving, even buiten beschouwing gelaten de bebouwing van Schiedam en Vlaardingen aan de overkant van de rivier en de schoorsteenpijpen van Shell. Enorme zeekasten met soms duizenden containers aan boord schuiven dagelijks voorbij op enkele tientallen meters aan mijn raam, al of niet geëscorteerd door sleepboten. Hun passeren is telkens weer een imposant en indrukwekkend gezicht en dat geldt al helemaal voor de jaarlijks meer dan twintig passagiersschepen op hun vakantieroute van en naar het centrum van Rotterdam.

Elke avond en nacht is het ook Kerstmis door alle lichten en lichtjes bij buurman Shell. Een andere kant van het vijftig woningen tellende appartement biedt een panorama over de Eemhaven, Hoogvliet, Spijkenisse en over het rode-daken-dorp zelf. Het is er goed wonen, zeker als eerdere woonplekken in de afgelopen vijftig jaar in de Pantserstraat (Hillesluis), Rosestraat (Feijenoord), Saffraanstraat en Alsemstraat in Hoogvliet en de Rotterdamsedijk in Schiedam in herinnering worden gebracht. Bovendien is het in Pernis groen en ook schoon. De mensen van de verschillende diensten zijn er dagelijks bezig met het onderhoud.

In het dorp is één supermarkt van de Plus en daarnaast hebben enkele ambachtelijke winkels er hun plek als de Keurslager, warme bakker, drogisterij, slijterij (héél belangrijk), twee snackbars, fietsenmaker, twee bloemisten, enkele kapsalons, vier kerken en evenveel kroegen en één oosters restaurant. Voorts komen eens per week een visboer, kaasboer en een groenten- en fruitboer naar hun standplaats in het dorpscentrum. Allemaal op een andere dag, anders zou je kunnen spreken van een miniweekmarkt. Voor boodschappen in grote winkels of op de donderdagse weekmarkt is Pernis aangewezen op buurdeelgemeente Hoogvliet. Kortom: het is er goed wonen, al zijn mensen van buiten Pernis vaak een andere mening toegedaan. Het enige dat zij vaak weten te memoreren is de geur van rotte eieren, die in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw soms de atmosfeer verpestten. Maar ook dat ligt alweer een halve eeuw in het verleden weggestopt.

Mijn camera is altijd binnen grijpenafstand om bijzondere schepen te vereeuwigen. Soms stuur ik een foto door naar een van de drie hier verschijnende wijkkranten en een enkele keer zie ik er een in kleur terug op een van de pagina’s. Het voordeel van een torenflat is dat er een plat dak op zit en daar hadden mijn buurman Wim Vogel en ik in de namiddag en vooravond van 4 augustus 2008 illegaal ons bivak opgeslagen. Dat was mogelijk omdat Wim in zijn functie van vrijwillige huismeester – hij is er na drie jaar mee gestopt –  er de toegangssleutel van had, want behalve voor hem én reparateurs gold en geldt er voor anderen een toegangs- en verblijfsverbod.

Het was die dag behoorlijk winderig en vijftig meter beneden ons werd het in de groenstrook en op de zitbankjes van de Pernisse Waterkant langs de Nieuwe Maas almaar drukker en drukker met nieuwsgierigen. Allemaal wilden ze getuige zijn van het langsvaren van het beroemde stoomschip Rotterdam, waarvan de glorieuze vaarhistorie ook in Rotterdam begon. Het duurde lang en op het dak vermaakten Wim en ik ons prima met gluren over de omgeving, al raakte de blaas behoorlijk vol en werd de keel schuurpapier droog. Uiteindelijk zijn we even afgedaald om het een leeg en het ander vochtig te maken. Eindelijk doemde de Grande Dame in de verte op in de lichte nevel in de bocht tussen Vlaardingen en Maassluis, geflankeerd door vier sleepboten en omgeven door een escort van pleziervaartuigen en partyschepen. De intocht was indrukwekkend en zoiets maakt een mens maar een keer in zijn leven mee. Mijn camera’s klikten onophoudelijk met als resultaat bijna driehonderd bijzondere digitale foto’s, die zorgvuldig worden gekoesterd in de computer. Zo kreeg het wonen in Pernis voor mij een extra aantrekkelijke dimensie. Nu maar hopen dat het schip in de Maashaven blijft, anders moet ik nog een keer naar het dak.