Berichten

Vroeger in het oude Rotterdam

Wij hadden vroeger thuis geen vroeger. Wij gingen bij de buren, die hadden vroeger. Vroeger was duur. Wij hadden geeneens een vloer. Wij hadden een vuil en nat gat en daarom vochten wij. Wij wroetten op de vuilnisbelt en wij filterden het rioolvocht voor de thee, gezet van het zakje dat we van de buren kregen of de rest van de straat. Nou ja, straat… Het was meer een stinkende modderstroom waarvan zelfs de ratten waren gevlucht.

Wij hadden nooit tijd en als wij te laat kwamen, kregen wij ongenadig op onze sodemieter van de buurman, want onze vader moest 36 uur per dag werken. Als die zijn best deed, mocht hij eens per jaar naar ons vuile gat en hij nam dan voor ons een kiezelsteen mee om op te zuigen, maar dan moestie weer snel weg om zijn geleende sandaal terug te brengen.

Ik kreeg dan onze broek aan om de kiezel te gaan ruilen voor een hap zand, zodat wij die eerlijk konden verdelen onder onze 54 kinderen waarvan er eentje meestal dood was of opgegeten door mijn oudere broer, die zo ontzettend blind was dat wij hem ’s winters gebruikten om te kijken of er nog ergens iets brandbaars was voor de kachel, die wij eigenlijk niet hadden.

Sommigen van ons hadden wel eens gehoord van een bed. Dat was alleen voorbestemd voor de oudsten. De jongeren mochten nog niet horen. Dat kwam goed uit, want ze luisterden toch niet. Praten mocht alleen op vrijdag als mijn moeder een goede bui had. En dan enkel nog een paar woorden. Er waren maanden dat wij alleen één letter mochten zeggen. Dan ruilde ik met mijn broertjes bijvoorbeeld de ‘w’ voor een ‘h’, zodat je na vijf maanden hallo kon zeggen, maar dan moest je wel mazzel hebben. Waarover je dan ook weer een half jaar had gedaan.

De uitverkorenen onder ons groeiden op voor galg en rad of gingen naar sodom en gommora op de Blaak. Ik piepte meestal naar binnen, want het was voor boven de 18 en zo oud werden wij toen niet. Trauma’s zouden er door mijn moeder vakkundig uitgeslagen moeten worden, maar ze had nooit tijd. Dan had je pech, die wij onderling ruilden. Met Oud en Nieuw (in ons geval alleen Oud) kregen wij een klap en dan kon je er weer een jaar tegen.

Het was puur een kwestie van overleven. Wij waren blij als er iemand waterpokken had, want wij stierven van de dorst. Hoewel het zó donker was, dat wij niet precies wisten hoeveel kinderen er waren. Het komt allemaal weer naar boven, hoewel wij dat niet konden betalen. Bij speciale gelegenheden kregen wij een portie zure lucht van het abattoir. Dat moesten wij zeven en een mochten wij houden voor de kleinste, waarvan wij niet zeker wisten of hij wel bestond. Zo klein waren wij toen.

Vaak leek het of er helemaal niemand was. Soms hoorde je wel eens iets. Genieten was dat. Meestal was er niets. Niets was voor ons ook een buitenkansje. Je was met niets dolblij. Alleen dat werd dan weer afgepakt door mijn moeder om te bewaren voor slechte tijden. Dat lijkt gemeen, maar wij konden nooit iets achter de hand houden. Dat werd gebruikt als onderpand. Als wij dan zonder zaten, hadden wij altijd nog niets en dan was het feest. Maar dat was vroeger, hoewel wij dat toen niet hadden.

© IJsbrand Flamminga

Vroeger in het oude Rotterdam

Wij hadden vroeger thuis geen vroeger. Wij gingen bij de buren, die hadden vroeger. Vroeger was duur. Wij hadden geeneens een vloer. Wij hadden een vuil en nat gat en daarom vochten wij. Wij wroetten op de vuilnisbelt en wij filterden het rioolvocht voor de thee, gezet van het zakje dat we van de buren kregen of de rest van de straat. Nou ja, straat… Het was meer een stinkende modderstroom waarvan zelfs de ratten waren gevlucht.

Wij hadden nooit tijd en als wij te laat kwamen, kregen wij ongenadig op onze sodemieter van de buurman, want onze vader moest 36 uur per dag werken. Als die zijn best deed, mocht hij eens per jaar naar ons vuile gat en hij nam dan voor ons een kiezelsteen mee om op te zuigen, maar dan moestie weer snel weg om zijn geleende sandaal terug te brengen.

Ik kreeg dan onze broek aan om de kiezel te gaan ruilen voor een hap zand, zodat wij die eerlijk konden verdelen onder onze 54 kinderen waarvan er eentje meestal dood was of opgegeten door mijn oudere broer, die zo ontzettend blind was dat wij hem ’s winters gebruikten om te kijken of er nog ergens iets brandbaars was voor de kachel, die wij eigenlijk niet hadden.

Sommigen van ons hadden wel eens gehoord van een bed. Dat was alleen voorbestemd voor de oudsten. De jongeren mochten nog niet horen. Dat kwam goed uit, want ze luisterden toch niet. Praten mocht alleen op vrijdag als mijn moeder een goede bui had. En dan enkel nog een paar woorden. Er waren maanden dat wij alleen één letter mochten zeggen. Dan ruilde ik met mijn broertjes bijvoorbeeld de ‘w’ voor een ‘h’, zodat je na vijf maanden hallo kon zeggen, maar dan moest je wel mazzel hebben. Waarover je dan ook weer een half jaar had gedaan.

De uitverkorenen onder ons groeiden op voor galg en rad of gingen naar sodom en gommora op de Blaak. Ik piepte meestal naar binnen, want het was voor boven de 18 en zo oud werden wij toen niet. Trauma’s zouden er door mijn moeder vakkundig uitgeslagen moeten worden, maar ze had nooit tijd. Dan had je pech, die wij onderling ruilden. Met Oud en Nieuw (in ons geval alleen Oud) kregen wij een klap en dan kon je er weer een jaar tegen.

Het was puur een kwestie van overleven. Wij waren blij als er iemand waterpokken had, want wij stierven van de dorst. Hoewel het zó donker was, dat wij niet precies wisten hoeveel kinderen er waren. Het komt allemaal weer naar boven, hoewel wij dat niet konden betalen. Bij speciale gelegenheden kregen wij een portie zure lucht van het abattoir. Dat moesten wij zeven en een mochten wij houden voor de kleinste, waarvan wij niet zeker wisten of hij wel bestond. Zo klein waren wij toen.

Vaak leek het of er helemaal niemand was. Soms hoorde je wel eens iets. Genieten was dat. Meestal was er niets. Niets was voor ons ook een buitenkansje. Je was met niets dolblij. Alleen dat werd dan weer afgepakt door mijn moeder om te bewaren voor slechte tijden. Dat lijkt gemeen, maar wij konden nooit iets achter de hand houden. Dat werd gebruikt als onderpand. Als wij dan zonder zaten, hadden wij altijd nog niets en dan was het feest. Maar dat was vroeger, hoewel wij dat toen niet hadden.

© IJsbrand Flamminga

Toerist in eigen stad

Toerist in eigen stad Nou leef ik m’n hele leven al in deze mooie stad, en soms moet je jezelf eens dwingen om met andere ogen naar je stad te kijken.
Dat heb ik dus geprobeerd. Opmerkelijk toch wel. Zaterdag naar de centrummarkt gegaan, met vrienden uit 020, ja, ook dat kan, maak je geen zorgen, prachtige dag van gemaakt. Lopend over de markt begint het waarnemen.
Ik verraadde mijn afkomst doordat ik een trui aan had waar vrij prominent opstaat dat ik Rotterdam Gers! vind. Dus weer leuke commentaren ook. Maar kijkend naar de Rotterdammers op de markt zag ik weinig opvallends, gewoon een normale marktdag, luide marktkoopmannen, chagrijnige mensen met haast, winkelkarretjes voortslepende dames, vrouwen met net aangeschafte mooie bossen bloemen, vissen, groenten en fruit, kortom, een gewone marktdag in 010.
Tot het moment gekomen was dat we besloten de markthal eens te bezoeken. Op dat moment waan je je toerist in eigen stad. En dat had ik niet verwacht. Die hal staat er al even, wat me het meeste eraan opvalt is het aantal mensen wat apatisch naar het plafond staart als ze binnen komen, smartphone of fotocamera bij de hand, om hun bezoek vooral niet te vergeten.
Dat heeft iets weg van mensen die bij je thuis komen en ipv te groeten of om zich heen te kijken je schilderijen beginnen te fotograferen. Heel apart. En dan word je naar binnen gezogen door de shops, waar vriendelijk personeel groetend hoopt dat je iets wilt kopen. En eerlijk, er is veel, voornamelijk eten, te koop.
Het was de tweede keer sinds de hal er staat dat ik binnen was, maar veel zul je me er verder denk ik niet zien, het is een goede trekpleister voor toeristen, zag en hoorde veel nationaliteiten, maar voor Rotterdammers is het, wat mij betreft, buiten op de markt veel gezelliger. En delicatessen, die je er veel vindt, koop ik zelf ook liever in een delicatessenwinkel. Maar dat is persoonlijk, ieder voor zich in deze.

markthal 2

Rotterdammer

Rotterdammer Ben je voor het leven. Of je er geboren bent, of je er niet meer woont maar de stad mist, dat gevoel gaat nooit meer weg.

Onlangs was ik voor een week op vakantie, dus echt uit de stad, maar als ik dan zie in m’n koffertje wat ik meeneem: een Gers! magazine, een paar t-shirts met daarop een duidelijke tekst, laten we zeggen, Rotterdamse teksten en het lijkt daardoor wel mee te vallen, met het missen van je stad. Want het is heerlijk om effe weg te zijn, maar weten allemaal dat we weer thuis zijn als we de van Brienenoordbruggen aan de horizon zien verschijnen.

En wat dat nou is, die liefdesverhouding van een man en zijn stad, het is niet eens te verklaren. Wat ik standaard doe als ik in het centrum geweest ben, is even naar het beeld van Zadkine, de Verwoeste Stad, dat beeld dat zo goed verwoordt dat we een moeilijke geschiedenis hebben gekend. Dat is voor mij een rustpunt, iedere keer weer, mijn eigen overdenkingen doe ik bij voorkeur ook op die plaats, heb er dan ook een mooie tatoeage van laten zetten, uit respect voor de stad die zoveel veerkracht toont en zo goed omgaat met de constant wijzigingen die er zijn, het stad wat wel degelijk weer een hart heeft en het pompt hoorbaar, iedere dag weer. Daar ben ik trots op. En trots is wat iedere Rotterdammer dan ook mag zijn op zijn buurt, op zijn straat, op zijn favoriete gebouw. Wat daar ook aan bijdraagt, aan dat gevoel, is dat we nu ook steeds meer toeristen zien, uit alle werelddelen die onze architectuur en musea komen bezoeken. Ik wijs ze graag de weg, maak een foto van ze en geef ze gratis tips als ze die willen. En in welke taal? Engels heel vaak, handen en voeten maar ook in Duits. Nu zien we allemaal de foto’s van de stad wel verschijnen, op websites of facebook of Instagram. Heel veel is afkomstig rondom de Markthal, Erasmusbrug/de Rotterdam en de Euromast. Maar het leuke van deze stad zijn toc hook de kleinere kunstwerken die in veel buurten te vinden zijn. Leg ze eens vast ,je hoeft geen professionele fotograaf te zijn om leuke, mooie en kunstzinnige zaken vast te leggen.

Duizend en 1 nacht

Hoe lang moet het duren
Voor het lege gevoel verdwijnt

Het valt toch niet te sturen
Wanneer de Rotterdamse zon weer schijnt

Hoeveel seizoenen moeten we wachten
Voor we in optocht naar de Coolsingel gaan

Al duurt het duizend en 1 nachten
Wij blijven altijd achter Feyenoord staan

JJO

 

Spido Rotterdam

Zie en bewonder de Rotterdamse haven!

Spido laat u op een bijzondere manier kennismaken met de Rotterdamse haven. Middenin het drukke verkeer van zee- en binnenvaartschepen beleeft u een memorabele vaartocht door de grootste zeehaven van Europa. U ziet de indrukwekkende skyline met imposante gebouwen aan u voorbij glijden, gevolgd door een uniek uitzicht op werven, dokken en de hypermoderne overslag van duizenden containers. Tot slot vaart u langs het stoomschip Rotterdam, het voormalige vlaggenschip van de Holland Amerika Lijn. Een 75 minuten durende, boeiende havenrondvaart met heldere uitleg. Indien u uw rondvaart wilt combineren met een bezoek aan een andere attractie in Rotterdam kunt u aan de kassa bij Spido uw entreekaartjes tegen een aantrekkelijk tarief verkrijgen.

In de maanden juli en augustus kunt u inschepen voor een uitgebreide havenrondvaart of een zomeravondtour.

Als u meer wilt zien van de vaarwegen van de provincie Zuid-Holland kunt u het hele jaar door ook mee met de verschillende dagtochten.

Voor groepen biedt Spido daarnaast een aantrekkelijk en ruim aanbod aan mogelijkheden. Speciaal voor scholen in het basisonderwijs biedt Spido diverse mogelijkheden voor een geslaagd schoolreisje

SPIDO – Willemsplein 85 – 3016 DR Rotterdam – Tel. (010) 275 99 88 – Fax (010) 412 47 88 – spido@spido.nl – www.spido.nl

Website:          www.spido.nl

Facebook:      https://www.facebook.com/spidorotterdam

Ray Martin

Ray Martin Entertainment: Ray Martin is een Rotterdamse ‘crooner’ en presentator. Als ‘jazz zanger’ treedt hij op met de muziek van Frank Sinatra, Dean Martin, Tony Bennett en Nat King Cole. Als presentator is hij gespecialiseerd in sportevenementen en gala’s. Als presentator/mastercaller begeleidt Ray regelmatig darts demonstraties van Raymond van Barneveld en Co Stompe.

Ray Martin kwam al op jonge leeftijd in aanraking met muziek. Vader Martin luisterde naar Dean Martin, Perry Como en Frank Sinatra, terwijl moeder Lieske meer gefascineerd was door oude Rock’n Roll artiesten als Fats Domino, The Everly Brothers en Ricky Nelson.

Ondanks de liefde voor de muziek van zowel zijn vader als zijn moeder kocht Ray pas op zijn 24e zijn allereerst gitaar. Al snel speelde hij Elvis Presley’s Love me Tender en begon er bij te zingen. Zijn vrienden raakten enthousiast en in 2005 startte Ray zijn eerste Rock’n Roll bandje: ‘The Raccoons’. Door het succes van de Haagse rockband ‘Racoon’ veranderde Ray de bandnaam in Departure Level. Met de songs van de legendarische ‘Sun Studio’ artiesten Johnny Cash, Jerry Lee Lewis, Roy Orbison, Carl Perkins en Elvis Presley treedt de band nog steeds regelmatig op. In het voorjaar van 2011 verzorgde Departure Level zelfs een spetterend optreden in Ahoy Rotterdam.

Door een blessure van zijn vaste contrabassist kwamen de optredens van Departure Level in 2008 tijdelijk stil te liggen. De ‘podium-drang’ en het plezier om te zingen deden Ray in die periode besluiten om ook als solo-entertainer te gaan optreden. Met het repertoire van The Rat Pack, Tony Bennett, Nat King Cole en Bobby Darin maakte Ray in december 2008 in een cafe op de Bergweg in Rotterdam zijn debuut als ‘Crooner’. Door zijn performance, zijn liefde voor de muziek en zijn warme, lage stem wilden mensen al tijdens de try-out CD’s bestellen.

In januari 2009 bracht Ray Martin in eigen beheer een CD uit: ‘A Tribute to Dean & Frank’. Nog in diezelfde maand werden nummers van dit album gedraaid op diverse radiostations.


In de jaren die volgden trad Ray Martin op in het Groothandelsgebouw in Rotterdam, in een groot hotel in Zwitserland, in een TV-show op RTL 4, in het RTV Rijnmond programma ‘Dave on Stage’, in een uitverkocht Pathe Schouwburgplein, in het World Trade Center in Rotterdam, in Ahoy, op het SS Rotterdam en in diverse casino’s en hotels in de regio.

Ray Martin kwam door de jaren heen vaak in aanraking met presentatoren. Vaak werd hij niet naar tevredenheid aangekondigd. Tegen vrienden zei hij vaak: “Dat kan ik beter!” Om de Rotterdamse kreet ‘Geen woorden, maar daden’ kracht bij te zetten besloot Ray Martin in de jaren die volgden ook daadwerkelijk als presentator aan de slag te gaan. Met zijn vlotte, humorvolle babbel werd Ray al snel een veel gevraagde Ceremoniemeester, Show Host en presentator. Hij werd door RTL 7 darts commentator Jacques Nieuwlaat opgeleid tot darts presentator/mastercaller en werkt sindsdien zeer regelmatig met 5-voudig wereldkampioen Raymond van Barneveld en Co Stompe. Ook is Ray Martin te boeken als Ring Announcer (bij boksevenementen), als ceremoniemeester bij gala’s, recepties en feesten of als presentator tijdens (sport)evenementen. Met Ray Martin haalt u een professionele, goede voorbereide zanger/presentator in huis, die met (Rotterdamse)  humor ieder evenement tot een feest kan maken!

Contact:
Ray Martin Entertainment
Website: www.crooner-raymartin.weebly.com
Email: raymartin@hotmail.nl
Tel.: 06-52362452
www.youtube.com/raymartin79
www.twitter.com/raymartin79

7th Street Pop & Rockkoor

Het 7th Street Pop & Rockkoor is afkomstig uit Rotterdam – IJsselmonde.

In 2009 zijn wij gestart met ons koor, en op zoek gegaan naar een geschikte locatie, dit is de Wendeldijk 25 in IJsselmonde geworden, wijkgebouw de Rank, waar ook rocktempel L’Esprit gevestigd is.

Om ons te onderscheiden van andere koren hebben we een ervaren dirigent/muzikaal leider aan getrokken, te weten: Chris Hermans.   

De nummers die wij ten gehore brengen worden door hem persoonlijk gearrangeerd zodat wij altijd een eigen geluid hebben.

Inmiddels zijn wij uitgegroeid tot een koor met zo’n veertig enthousiaste zangers en zangeressen.

Wij hebben gekozen voor het genre pop en rock, voornamelijk Engelstalig, en een enkel Nederlandstalig nummer.

Het zijn lekker in het gehoor liggende, voor jong en oud herkenbare songs, zoals Bad Romance – Lady Gaga, Rolling in the deep – Adele, Viva la Vida – Coldplay, You can’t always get what you want – The Rolling  Stones, Beter – Bløf, River Deep Mountain High – Ike en Tina Turner, When the lady smiles – Golden Earring, en nog veel meer!

De eerste twee jaar hebben we verschillende try-outs gehad om wat ervaring op te doen, en hebben hier zo veel positieve reacties op mogen ontvangen dat we ons nu alweer twee jaar wat meer op de echte optredens hebben toegelegd.

Zo werken wij komend jaar alweer voor de derde keer mee met het benefietconcert ‘Voices4Life’, waren we twee jaar achtereen bij het korenfestival ‘Vólkoren’ in Middelburg en tijdens de Rotterdamse Operadagen in 2012 hebben wij twee optredens mogen verzorgen in de Rotterdamse Schouwburg.

Verder zijn wij regelmatig te vinden in verschillende winkelcentra en op festivals en jaarmarkten.

Bij interesse vertellen wij u graag meer over de mogelijkheden.

Ook als je een nieuwe muzikale hobby zoekt ben je bij ons aan het juiste adres.

Ons koor oefent elke donderdagavond van 20.00 uur tot 22.00 uur in de Rank aan de Wendeldijk 25 in IJsselmonde. Is zingen je hobby en wil je met plezier je zangkwaliteiten verbeteren en eens proberen hoe het is om in een stoer koor te zingen?  Dan zijn wij op zoek naar jou!

Wij zijn een hechte warme groep dames en heren van uiteenlopende leeftijden, waar ook nieuwelingen een warm welkom te wachten staat. De repetitie avonden, geleid door onze muzikaal leider Chris Hermans, zijn gebaseerd op een goede zangtechniek, ademhaling, ademsteun, klankvorming, en natuurlijk vooral dat waar we éigenlijk voor komen.. Lekker zingen.

Door de gerichte aanpak van Chris wordt een zo goed mogelijk resultaat behaald. Ook voor de beginner of hem/haar die geen noten kan lezen is zijn manier van lesgeven goed te volgen.

Wil je nog meer informatie over het 7th Street Pop & Rockkoor, of wil je eens komen kijken?
Bel dan even met onze voorzitter: Leo de Groes (06-19178480)

Tot snel!

 https://www.facebook.com/7thStreetPopenRockkoor?fref=ts

 http://www.7th-street.nl/

 

Euromast

Onze Rotterdamse trots de Euromast.

Eigenlijk kwam ik er niet zo heel veel.

Tijdens mijn Tiernertour jaren kocht ik wel eens een kaartje Rotterdam. Dan ging ik met de Spido en naar de Euromast. De toerist uithangen in mijn eigen stad

Later kocht ik de Rotterdam pas en was toen jaarlijks te vinden op de Euromast.

Heerlijk turend over de prachtige stad en altijd kijken of je je huis kon zon

Spacetower vind ik nog altijd eng, als hij boven aankomt dat geluidje en die beweging, ben altijd bang dat hij door blijft draaien en er af rolt hahahahaha onzin, ik weet het, maar het gevoel brrrr.

Ook neem ik altijd buitenlandse vrienden mee naar de Euromast.

Amerikanen lachen om deze toren. Zij vinden het niet hoog, maar wel mooi dat je zo ver kan kijken.

Een van mijn mooiste herinneringen blijft toch wel abseilen van de Euromast.

Voor het programma Buiten Spelen wat ik toen maakte voor RTV Rijnmond mocht ik abseilen.

In eerste instantie vond ik het eng, hoog en hield me zo stevig vast dat mijn arm verzuurde.

Maar toen ik eenmaal voorbij het restaurant kwam begon ik te genieten en op 25 meter hoogte baalde ik dat ik er al bijna was.

Hebben jullie herinneringen aan de Euromast?

De Rotterdammert

“Rotterdammers zijn onvriendelijk” kopte de kranten twee weken terug. Roel Pot en Eveline van Wanrooij zijn het daar NIET mee eens. Rotterdammers zijn gewoon efficiënt. Als je weg vraagt, krijg je die te horen, zonder dat er een woord te veel wordt gezegd. Voor een gezellig praatje heeft de echte Rotterdammert geen tijd, want hij moet vast naar zijn werk. De Rotterdammert heeft juist een briljant gevoel voor humor, relativeert zich suf (Ohjajoh?) en vergadert in de helft van de tijd die andere Nederlanders nodig hebben. Juist een tof volkje, als je het Roel en Eveline vraagt… Licht beledigd gaan de twee heel erg Rotterdammers nu op zoek naar het echte smoel van de echte Rotterdammert. De komende negen maanden gaan zij vorm geven aan deze karakteristieke Nederlanders door middel van een aantal stellingen die je alleen kunt beantwoorden als je Rotterdammert bent. De stellingen zijn van niet-wetenschappelijke aard, maar des te meer ons-kent-ons. Doe je mee? Vind onze pagina’s leuk en laat weten hoe jij als Rotterdammert in elkaar steekt!

Elke week droppen we een stelling en hopen daarmee de Rotterdammert te vinden.

Deze week is de stelling; Voor de echte Rotterdammert begint de zomer als Venezia weer open is.

Als je facebook hebt stem dan hier  http://www.facebook.com/pages/Echwelrotterdams/236179736474306