Henk de marktkoopman

Mensen in mijn leven waar ik echt de slappe lach van kreeg blijven altijd in mijn geheugen, zo ook Henk mijn oude
buurman.

Henk was regelmatig gast in de huisbarpub van mijn ouderlijk huis in de Thomas a kempisstraat,wat steeds meer weg kreeg van een buurthuis.
Met een aardige slok op zorgde hij meestal voor een nog vrolijker tintje van de feestavond.
Zoals het uitdelen van een klapsigaar aan degene met het mooiste overhemd met als resultaat brandgaten!
Henk was een kei in het oplossen van de verkeerde grappen dus bij deze kreeg het slachtoffer 3 nieuwe overhemden die al 5 jaar onverkocht in zijn kraam hingen!
De grote glazen Heineken laars waar als je probeerde een slok te nemen 2 liter bier over je heen kreeg deed het ook altijd goed!
En niet te vergeten het cognacglas van mn vader dat regelmatig vervangen werd door een nepglas uit de feestwinkel maar sprekend echt met dubbel glas en als je een slok nam er niks uit kwam.
Het hoogtepunt van de avond was meestal wel als de tamboerijn te voorschijn kwam.
Een keiharde schorre markt, rook en drank stem schreeuwde dan:”AAT!”DAVE BERRY!STRANGE EFFECT!!!!!
Ik zette de plaat op en daar kwam Henk!,eerst een hand om de deur,tamboerijn sissend,en dan het prethoofd met de felblauwe hagedissenogen van Henk! de playbackshow kon beginnen!
Na dit nummer zette ik meestal wat rustiger muziek op om Henk wat af te laten koelen want vaak had ie een optreden van een uurtje of twee in gedachten!.

Henk stond op de Rijnhavenmarkt met een kraam die niet echt meer zo liep.
Mijn moeder had een gouden oplossing ze stelde voor zomerjurkjes als parttimer te gaan naaien met een meer moderner stof,en het liep!parttimers volgden.
Het ging zelfs zo goed dat Henk besloot een winkeltje nabij de Maashaven te gaan beginnen in marktkleding in combinatie met tweede hands spullen!
Ik ging een keer langs..De paskamer sloot maar voor de helft..Jahaha het oog wil ook wat als dames een jurkje gaan passen!,twee klanten komen binnen..”meneer dit servies mooi maar 2 kopjes zonder oor” Nou dan naai je er twee een oor aan!hahaha weg klanten,weer een klant “hoeveel kost dit kruis?” hetzelfde als wat erop staat! te veel dan oprotte!dag en weg klanten..schaterend van de lach laat hij mij een kolenkachel zien,Hey Aatje omdat jij mijn grootse vriend ben mag je m nu voor 1 gulden meenemen!maar wel binnen twee minuten want we sluiten die zooi hier en gaan nu saampies naar de kroeg hiernaast!!!O Wacht ff Aat! ik heb nog wat lp s in de uitverkoop zoek snel uit! Henk het zijn alleen maar hoezen zonder lp ! Oh? vandaar dat ik ze niet verkoop! schiet op ik ga de zaak dichtgooie!!!,mn buurvrouw Nel kwam ook nog de kroeg in maar niet al te vrolijk..

Het ging slechter met Henk zijn zaken,hij moest zelfs bijklussen in de nachtdienst ,zelfs een schilderij een erfstuk uit de familie genaamd de “Rijsteter”moest hij noodgedwongen verkopen.
Die kan jij zo namaken Aatje! Tuurlijk Henk alleen dan doe ik wel bamie ipv rijst scheelt me wel wat werk!
Henk zijn gezondheid ging achteruit.
Ik heb hem nog wel een leuke grap bezorgd door een oude dia van het barretje waar hij opstond heel groot op de zijkant van het flat waar hij op uitkeek te projecteren.
Toen ik hem belde het eerste wat hij zei: “Goeie reclame dit zeg!!!!”.

Ziezo, dat zit erop!

Beste Feyenoord-vrienden,

Vandaag weer eens Ajax-Feyenoord, ooit een klassieker genoemd. En dat is in de volksmond zo gebleven. Tot aan de dag van vandaag. Feitelijk is het allang geen klassieker meer, maar meer een kat-en-muis-spel waarbij ons dierbare Feyenoord helaas de muis is. Eerverleden jaar was dat eindelijk weer eens niet zo, in Amsterdam werd het 1-1 waarbij Ajax goed wegkwam en in de Kuip was een ontketende Guidetti bijna in zijn eentje verantwoordelijk voor de afgetekende 4-2 zege. Daarbij was het tweede doelpunt van Ajax (Bulykin) nog een cadeautje van de blunderende doelman Mulder, die veel te lang wachtte met het wegschieten van de bal en dus met het hervatten van het spel. De bekende en veel te jong overleden variétéartiest Tom Manders (Doris, 1921-1972) zong ooit een liedje over de klassieker. Dat ging als volgt: Wie wordt er dit seizoen, de voetbalkampioen, Ajax of Feyenoord, wie heeft er deze keer, de hoogste voetbal eer, Ajax of Feyenoord, wie zal het wezen wie zal het zijn, de club van Pietje Keizer of de club van Coen Moulijn? In mijn jongere tijd was het inderdaad nauwelijks te voorspellen wie er als winnaar uit de strijd zou komen en Feyenoord heeft zelfs qua behaalde landstitels in het betaalde voetbal even voor gelegen op Ajax, toen in 1965 als betaald voetbalorganisatie de derde schaal naar De Kuip werd gehaald. Zelfs toen daarna voor Ajax het tijdperk-Cruijff aanbrak was Feyenoord met wereldspelers als Van Hanegem, Jansen, Israel, Moulijn en Kindvall nog vaak de evenknie of zelfs doeltreffend bestrijder van het zo vaak met een zekere hysterie bezongen Ajax-spel. Tijdens het seizoen 1968-1969 versloeg Feyenoord de Mokumse aartsrivaal zelfs twee maal in de residentieloze hoofdstad (0-1 voor de competitie, doelpunt Henk Wery en 1-2 voor de beker, doelpunten Ove Kindvall). Het jaar erop kwam Ajax in Mokum zeer goed weg met een uiterst onverdiend en omstreden 3-3 gelijk spel (waarbij Feyenoord meerdere malen door de scheidsrecht werd genaaid en toen moest Liesveld toch nog geboren worden, hetgeen op 10 mei 1973 in Waverveen, onder de rook van Amsterdam, gebeurde). Nog een jaar later besliste Feyenoord de strijd om de titel  in het Olympisch Stadion met een schitterend 1-3 zege waarbij Kindvall eenmaal en Dick Schneider twee maal scoorde. Ja ja, DAT waren nog eens tijden.

Inmiddels is de voormalige klassieker al bijna aan de rust toe en ondanks een voortvarend begin(0-1) is de reguliere voorsprong van Ajax al weer een feit (2-1). Ook de scheidsrechter  heeft zich ingevolge een oude traditie tegen ons gekeerd of misschien moet ik schrijven pro Ajax opgesteld, Vormer raakte zijn tegenstander niet eens bij de vermeende strafschop, een elfmeter cadeautje van Kuipers. Bij al dit geweeklaag bekruipt mij niettemin toch een beetje een Calimero gevoel, want het ligt natuurlijk niet alleen aan de twijfelachtige arbitrage. We zijn dit seizoen gewoon verschrikkelijk slecht begonnen. In de nu voorbije eerste helft schitteren  Nelom, Vilhena en Clasie in verstoppertje spelen. Die spelers zijn in en door de euforie van voorgaande seizoenen kennelijk danig overschat. En in een sinds bijna veertig jaar bestaande traditie laten we het natuurlijk uitgerekend tegen Ajax weer eens lelijk afweten. Gerard Cox eiste in zijn tijd als columnist voor de Feyenoord-krant dat het kalk van de krijtlijnen aan de tweede ring zou kleven, maar daar is juist tegen de vroegere sportieve aartsrivaal al decennia lang geen sprake meer van, behoudens een enkele uitschieter.

Ook in de tweede helft heeft Feyenoord geen potten kunnen breken. We zijn gewoon niet goed genoeg. Technisch niet, tactisch niet en vooral ook mentaal niet. Ajax is en blijft de Angstgegner bij uitstek voor Feyenoord en dat zal wellicht nooit meer veranderen, want het is al zo sinds mensenheugenis, in ieder geval sedert het einde van het gouden tijdperk, waarin we drie titels, 1 nationale beker, 2 Europacups en een wereldbeker wonnen. We zijn natuurlijk ook financieel niet in staat aan onze onderliggende positie iets te veranderen, tegenwoordig ‘versterkt’ onze club zich met spelers als Jhon van  Beukering, Wesley Verhoek en nu weer Armenteros. Dat schiet natuurlijk ook niet op!  En wat de wedstrijd van hedenmiddag betreft: zelfs nadat Ajax in de tweede helft nolens volens de teugels liet vieren waren we niet in staat een deuk in een pakje Ajax-boter te schoppen. Hoe we ooit nog eens in  Amsterdam zouden moeten winnen is mij dus een volslagen raadsel, maar dat zal wel niet alleen voor mij gelden. Dat was het dan weer voor vandaag, het zit er gelukkig op!.

Drie gespeeld, nul punten, alweer een negatief record verbroken! Wat een deceptie!

ForLife en ForEver

Rood-wit-zwart

Feyenoord-hart

 

De konijnen rukken op

De wolf is terug. Een paar weken geleden was het groot nieuws. Natuurlijk, elke zomer verschijnt er wel een gevaarlijk dier in de krant. Is het geen krokodil in een vijver, dan is het wel een panter op de hei. We moeten het meestal doen met wat vage foto’s en getuigenverslagen. Dit jaar hebben we dus de wolf, gevonden langs de kant van de weg in de provincie Flevoland. Het was weliswaar een dooie, maar hij was wel echt. En volgens sommige mensen is dat goed nieuws. Niet zozeer omdat hij dood was (hoewel, misschien ook wel), maar het feit dat hij de moeite heeft genomen om helemaal naar ons landje te komen lopen. Dat betekent dat het goed gaat met de natuur in Nederland.

Ik kom niet zo vaak in de natuur. Ik beweeg mij voornamelijk in stedelijk gebied, maar begin mij toch zorgen te maken over oprukkende wilde dieren. De blauwe reiger is inmiddels een vertrouwd beeld in de stad. Op zijn gemak rooft hij de visvijvertjes leeg. Sinds een jaar valt mij een ander dier op. Het konijn. Overal kom ik hem tegen. En nooit alleen. Ze zijn altijd met z’n tweeën of meer. Het zijn van die lelijke grote grijs bruine. Ik zie ze meestal in de ochtend, als ik naar mijn werk ga. Ik ben dan nog niet dronken, hooguit nog een beetje slaapdronken, maar ik weet zeker dat ik niet hallucineer. De konijnen die ik zie zijn echt. Ze hippen over de parkeerplaats voor het stadion van Sparta. Ze zitten tussen de rails voor het station Vlaardingen Centrum. Ze huppelen voor mij uit, als ik mijn auto geparkeerd heb bij station Schiedam. Overal zitten ze. En ik lees er niets over in de krant. Het kan bijna niet anders of binnenkort ontspoort er een trein, omdat de rails is weggezakt of er verdwijnt een fietser op mysterieuze wijze in een gat in de grond. Konijnen graven holen. Een deel van de tribune van het Sparta stadion stort in door verzakking. Grote paniek. De mensheid is in gevaar. Konijnen fokken er lustig op los en zullen vreemde ziektes gaan verspreiden. Een regelrechte ramp dreigt. Ik lees er niets over. Zelfs Hart van Nederland bericht er niet over. We maken ons druk over onze baan en ons pensioen. Rutte en Dijsselbloem piekeren zich suf over de centen in de Staatskas en ondertussen rukken de konijnen op. Het is niet de wolf die ons voortbestaan bedreigt. Het is het konijn. Er moet nu iets gebeuren. Straks is het te laat en zeg dan niet dat ik niet gewaarschuwd heb.

Euromast

Onze Rotterdamse trots de Euromast.

Eigenlijk kwam ik er niet zo heel veel.

Tijdens mijn Tiernertour jaren kocht ik wel eens een kaartje Rotterdam. Dan ging ik met de Spido en naar de Euromast. De toerist uithangen in mijn eigen stad

Later kocht ik de Rotterdam pas en was toen jaarlijks te vinden op de Euromast.

Heerlijk turend over de prachtige stad en altijd kijken of je je huis kon zon

Spacetower vind ik nog altijd eng, als hij boven aankomt dat geluidje en die beweging, ben altijd bang dat hij door blijft draaien en er af rolt hahahahaha onzin, ik weet het, maar het gevoel brrrr.

Ook neem ik altijd buitenlandse vrienden mee naar de Euromast.

Amerikanen lachen om deze toren. Zij vinden het niet hoog, maar wel mooi dat je zo ver kan kijken.

Een van mijn mooiste herinneringen blijft toch wel abseilen van de Euromast.

Voor het programma Buiten Spelen wat ik toen maakte voor RTV Rijnmond mocht ik abseilen.

In eerste instantie vond ik het eng, hoog en hield me zo stevig vast dat mijn arm verzuurde.

Maar toen ik eenmaal voorbij het restaurant kwam begon ik te genieten en op 25 meter hoogte baalde ik dat ik er al bijna was.

Hebben jullie herinneringen aan de Euromast?

100 % Feldkamp

Ik ben Gudrun Feldkamp en mijn bedrijf heet 100%Feldkamp. Ik doe beeldvorming door communicatie en events.  Ik werk veel voor opdrachtgevers op het gebied van duurzaamheid en groen en voor cultuurbedrijven.

De Groene Loper is een zonnig evenement waarbij je verborgen groene plekken in de stad ontdekt: de ontdekkingsreis naar de groene ziel van de stad. Je komt terecht op grote openbare tuinen die bijna niemand kent, bij buurtgroen, prestigieus groen, groen van boven en designgroen. Je ontmoet de mensen die erbij betrokken zijn en die voor leven in de brouwerij zorgen. Daarmee veranderen we het beeld van de stad van grijs naar groen. Ik doe de Groene Loper met collega’s en veel vrijwilligers.

www.groeneloper010.nl/

 

Green Soul City Toers.

Ga mee op reis en ontdek een heel nieuw gezicht van de stad.
Vaak zijn er in het weekend ontdekkingstochten waar je voor 15 euro van de partij bent.

citytoers.Wordpress.com

Museumstraat

Vooraanstaande musea gaan op reis in de stad en trekken in bij mensen in heel gewone straten. Het evenement Museumstraat is de eerste twee weekenden van juni in verrassende straten van de stad waar je anders bijna nooit komt. Je komt bij mensen in huis die samen met het museum van hun keuze een tentoonstelling voor een dag hebben ingericht.

http://vimeo.com/49987920

En verder…

Sta ik tot uw beschikking: van visie&concept tot operationele uitvoering en communicatie.

Nl.linkedin.com/in/gudrunfeldkamp

Gudrun@100procentfeldkamp.nl

Tel: +31 (0)644 377 900

Ahoy

Wat heb ik een hoop herinneringen aan Ahoy.

Goede en slechte.

De enorme vechtpartij tijdens Veronica Indoor Soccer, toe speelde naar Feyenoord ook Ajax en ze hadden Amsterdamse bewaking ingehuurd. Niet slim.

Maar ook prachtige concerten gezien.

Miami Sound Machine, Supertramp, Carlos Santana en natuurlijk de Heineken en Amstel feestavonden.

Ook fijne herinneringen aan de zesdaagse en kerstcircus.

Maar Ahoy is voor mij hoofdzakelijk Jeugdland.

De kleurplaten van GEB, de verkeerstuin, flessen verven, de brandweer.

Een van de mooie jaargangen gaven ze ook singels weg, ik had mijn hoop gevestigd op We Woundend Knee van Redbone, maar ging naar huis met Blauwe Korenbloemen van de zusjes de Roo. Even anders

Maar wat dacht je van de bonnen; 6 bonnen en die kon je dan inleveren.

Een stuk fruit, pakje melk, ijsjes, kroket en de laatste schiet me niet te binnen.

Maar elke dag was een feest.

 

Afbetaling

Tegenwoordig kan bijna iedereen wel geld lenen. Tegen hoge rente vaak.  Wehkamp, Otto en Neckerman verkopen goed. Vroeger hadden we ook niet veel geld, wij kochten op de pof.
In Rotterdam hadden we de Faam, Rodago, Scheffers, Schuller, De Condor, Bep en Rob van Gent. Er waren er dus genoeg. Je kan bijna alles kopen, het was vaak duurder als dat je het contact kocht en je betaalde redelijk wat rente.  Voor je geld kon je dus naar de winkel en daar betalen en er waren ook mensen die aan de deur geld kwamen halen.
Vaak riepen ze dan “Bode” en dat betekende betalen.

Toen ik op mijn zestiende voor de zoveelste keer van school was getrapt kwam ik op een gegeven moment ook bij een van die winkels te werken. Schuller; een winkel op de Riederlaan, op Rotterdam Zuid.  Er kwamen niet heel veel klanten op een dag, maar er was altijd wat te doen. Zomers stonden we uren voor de deur te kijken naar de mooie meiden die voorbij kwamen. Dat mocht nooit lang achter elkaar, omdat de andere winkels anders dachten dat we geen klanten hadden. En soms werd ik de bode, twee jaar lang vanaf mijn 16e moest ik dus geld halen bij de mensen thuis. Ik kwam ook in andere steden en wijken om geld op te halen. De Staart in Dordrecht, De Gorse in Schiedam en ook nog de Schilderswijk in Den Haag, waar je nog niet dood gevonden wilde worden.

Zo ook op de Kaap, de hoerenbuurt in Rotterdam. Dat was echt lachen, die meiden kochten ook op de reut, en als ik dan op mijn fietsje geld kwam halen en ze hadden iets verdient; dan kreeg je geen cent, je kon ook alle ziektes kregen die ze konden uitspreken, en dat waren er heel wat. En als je pech had en de pooier had een rot bui, kon je ook nog een schop onder je reet krijgen. Maar de week erop, hadden ze bijvoorbeeld goed verdient, dan was het 5 gulden voor de baas en voor mij ook een knaak, een drankje en een knuffel, en daarbij stikte je bijna in de rijkbedeelde dames van de Kaap.

 

Ja, mooie tijden! Kochten jullie vroeger ook op de Lat?

Zomervakantie in mei

Twee weken geleden wist ik u nog te vertellen, dat we in mei 2014 naar de Coolsingel zouden gaan. Ajax heeft de Johan Cruijff Schaal gewonnen en kan het landskampioenschap dus wel vergeten. Dat leert ons de statistiek namelijk.

Het is zondagmiddag 11 augustus 15.00 uur. In huize De Niet staat Radio Rijnmond op en mijn zoon en ik zitten een beetje verdwaasd voor ons uit te staren. Twee keer rood en een 1 – 4 thuisnederlaag tegen FC Twente. Het zal ongetwijfeld aan de scheids gelegen hebben, maar feit is dat we nul punten hebben na twee wedstrijden competitie. Wist ik twee weken geleden nog zeker dat Ronald Koeman in de winterstop niet op een voorbijrijdende trein zou springen, nu weet ik niet eens of hij de Kerst sowieso wel haalt. Volgende week mogen we op bezoek in Amsterdam. Ajax – Feyenoord, de klassieker. Ik ben een optimistisch mens, maar ik ben toch bang dat deze wedstrijd iets te vroeg komt.

De zomervakantie plannen we volgend jaar lekker vroeg. In mei. We hebben dan toch geen verplichtingen.

De duif is dood

De afgelopen jaren fietste ik regelmatig door de straten van Rotterdam en kwam ik altijd wel een paar duiven tegen. Het spijt mij te moeten zeggen, maar duiven zijn domme dieren en traag bovendien. In de grote stad leven veel van die vogels op straat. Ze doen niet veel. Overal en nergens scharrelen ze hun kostje bij elkaar en poepen vervolgens het straatmeubilair onder. Het lijkt wel of ze permanent stoned zijn. Ze kijken wat lodderig uit de oogjes en hippen zonder uit te kijken van de stoep de straat of het fietspad op. Enkele ogenblikken later schrikken ze zich de pleuris als er ineens een, al dan niet gemotoriseerde, weggebruiker passeert. Alle andere vogels, die zich uit de voeten moeten maken, voor bijvoorbeeld een voorbij suizende fietser, kiezen de kortste route naar de veilige plek. De plek waar ze net vandaan kwamen, terug naar de stoep. De duif doet dat niet. De duif fladdert op en kiest de richting waarin zijn snavel wijst. Dat is bijna altijd richting de wielen van de fiets. Het is aan mijn rijvaardigheid en de kwaliteit van mijn remblokjes te danken, dat ik nog nooit zo’n beest tussen mijn spaken heb gehad. Ik ben geen dierenvriend en zeker geen vriend van de duif, maar duiven doodrijden vind ik nou ook weer niet nodig.

Maar deze week ging het dan toch mis. Het beestje heeft niet hoeven lijden. Hij was op slag dood. De duif kwam niet uit de stad en was, naar mijn stellige overtuiging, niet stoned. Het ongeval deed zich voor in de provincie, op een stille rijksweg.

Ik zit in mijn auto en zie op de teller, dat ik keurig 120 km. per uur rijd. Voor mij geen auto te zien. In mijn spiegel zie ik één klein rood autootje. De dame volgt mij al een tijdje. Dan zie ik ineens iets op de weg zitten. Nee hè! Het is een duif. “Wegwezen duif”, roep ik, maar hij hoort mij niet. Remmen of uitwijken is geen optie, met de dame achter mij. Een doffe klap en een wolk van veertjes. De duif is dood. Domme, domme, trage duif!